9.1 Bestemmingsomschrijving
De voor 'Leiding - Gas' aangewezen gronden zijn, behalve voor de daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor:
een hoofdgastransportleiding; met de daarbij behorende:
bouwwerken, geen gebouwen zijnde.
Voor zover op de verbeelding nog andere dubbelbestemmingen zijn aangegeven, is de voorrangsbepaling zoals opgenomen in artikel 25 van toepassing.
9.2 Bouwregels
In afwijking van het bepaalde in de andere op de verbeelding aangewezen bestemming, mogen op of in deze gronden geen bouwwerken worden gebouwd, anders dan ten behoeve van deze aanvullende bestemming.
9.3 Afwijken van de bouwregels
Burgemeester en wethouders kunnen bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 9.2 en toestaan dat de in de basisbestemming genoemde gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, worden gebouwd, mits:
vooraf schriftelijk advies wordt ingewonnenvan de betreffende leidingbeheerder;
geen afbreuk wordt gedaan aan het doelmatig functioneren van de leiding;
de veiligheid van de gasleiding niet mag worden geschaad;
er geen kwetsbare objecten worden toegelaten.
9.4 Specifieke gebruiksregels
Tot een gebruik,strijdig met deze bestemming, zoals bedoeld in lid 9.1 jo artikel 7.2 van de Wet ruimtelijke ordening, wordt in ieder geval gerekendhet permanent opslaan van goederen.
9.5 Afwijken van de gebruiksregels
Burgemeester en wethouders kunnen bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 9.4 en toestaan dat de gronden worden gebruikt voor het permanent opslaan van goederen, mits:
vooraf schriftelijk advies wordt ingewonnenvan de betreffende leidingbeheerder;
geen afbreuk word gedaan aan het doelmatig functioneren van de leiding;
de veiligheid van de gasleiding niet wordt geschaad.
9.6 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden
Het is verboden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden uit te voeren, zulks ongeacht het bepaalde in de regels bij de andere op deze gronden van toepassing zijnde bestemmingen:
1. het uitvoeren van grondbewerkingen, waartoe worden gerekend afgraven, woelen, mengen, diepploegen, egaliseren, ontginnen, ophogen en aanleggen van drainage;
2. het uitvoerenvan graafwerkzaamheden;
3. het in de grond brengen van voorwerpen;
4. het aanleggenvan oppervlakteverhardingen;
5. het planten en rooien van bomen en het aanbrengen en rooien van andere diepwortelende beplantingen;
6. het aanleggen,vergraven, verruimen of dempen van sloten, vijvers en andere wateren.
Het sub a vervatte verbod is niet van toepassing op werken en werkzaamheden welke:
1. het normale onderhoud betreffen;
2. graafwerkzaamheden als bedoeld in de Wet informatie-uitwisseling ondergrondse netten vormen;
3. die reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van het van kracht worden van het plan;
4. die mogen worden uitgevoerd krachtens een reeds verleende vergunning.
De onder a genoemde vergunning kan slechts worden verleend indien vooraf schriftelijk advies wordt ingewonnen van de betreffende leidingbeheerder en er geen afbreuk wordt gedaan aan een doelmatig en veilig functioneren van (bovengrondse) nutsleidingen.