Naar hoofdinhoud
2.3.1Werken Functieverdeling op het industrieterrein Het bedrijventerrein Oostoever is in de loop der jaren van akkerbouw gebied getransformeerd naar een bedrijventerrein. Als eerste hadden zich de GBI en de RWZI gevestigd. Hierna hebben zich tussen deze twee locaties andere bedrijven gevestigd, ook wordt het gebied ten noorden van de RZI en later ten zuiden van de NAM gebruikt voor het storten van baggerslib. Het merendeel van de bedrijven bestaat uit industriële en havengebonden bedrijven. In de loop der tijd hebben zich hier ook autosloperijen en recyclingbedrijven gevestigd. De bedrijvenstructuur op het industrieterrein is globaal te onderscheiden in vijf zones. Van noord naar zuid bestaan deze zones uit: Soort bedrijven oppervlak Baggerdepot Oost 1 250 x 250m2 De waterzuiveringsinstallatie 200 x 250m2 Een zone met kleine bedrijven voornamelijk sloop en recyclingbedrijven 200 x 300m2 Het gasbehandelingsstation 250 x 800m2 Baggerdepot Oost 2 300 x 340m2 Bedrijven De bouw en uitbreidingsmogelijkheden en daarmee de ontwikkelmogelijkheden van bedrijven gevestigd op Oostoever is zeer beperkt, dit niet alleen door de conserverende werking van deze verordening maar ook als gevolg van de (voorgenomen) veiligheidszoneringen die betrekking hebben op de externe veiligheid behorende bij de Gasbehandelingsinstallatie en het munitiecomplex ‘t Kuitje van de Koninklijke Marine. In paragraaf 4.3 wordt hierop nader ingegaan. Concreet betekent dit dat voor de bedrijven welke gevestigd zijn ten noorden van het gascompressiestation dat deze niet mogen uitbreiden zowel ten aanzien van bouwen als ten aanzien van de arbeidsactiviteiten die plaatsvinden. Deze beperking gold ook al op grond van het voorliggende bestemmingsplan Oostoever 2004. Baggerdepot In verband met de hoeveelheid baggerspecie in de Helderse havens werd de bereikbaarheid van kaden en bedrijven met schepen in het eind van de tachtiger jaren van de vorige eeuw een probleem. De Provincie Noord-Holland heeft in verband hiermee in haar Baggerspecieplan 1993-1998 aangegeven in de omgeving Den Helder een grootschalig baggerspeciedepot in te willen richten. In afwachting hiervan zijn de tijdelijke depots ’t Oost 1 en ’t Oost 2 in 1995 ingericht. Hiermede was het baggerknelpunt in de havens van Den Helder opgelost. In het Provinciaal Milieubeleidsplan 2002-2006 geeft de provincie aan dat zij geen grootschalige baggerspeciedepots in Noord-Holland zullen gaan vestigen. Dit omdat het voornemen onhaalbaar bleek gezien het ontbreken van voldoende maatschappelijk draagvlak. Het op te slaan baggerspecie met de milieuklasse 3 en 4, moet in afwachting van het realiseren van een definitieve verwerkingsmethode en grootschalige opslag moeten plaatsvinden in tussendepots. Oost 2 is een tussendepot. De bovengenoemde stellingname van de provincie maakte het voor de gemeente Den Helder noodzakelijk om de opheffing van de depots te heroverwegen. De problemen met de baggerdepots op Oostoever beperken zich tot ‘t Oost 2. ’t Oost 1 ligt ten noorden van de rioolwaterzuiveringsinstallatie. ’t Oost 2 ligt ten zuiden van de gasbehandelingsinstallatie. Het depot ’t Oost 2 is in het bijzonder tot stand gekomen om baggerspecie afkomstig uit de Marsdiephavens en de Marinehaven te kunnen opslaan en te verwerken. Eigenaar van het terrein van ’t Oost 2 is de Gemeente Den Helder. Het terrein waarop ’t Oost 2 is gelegen had in het vorige bestemmingsplan Oostoever 2004 de bestemming “Baggerstort” gekregen. Daarnaast was het gebied voorzien van een wijzigingsbevoegdheid naar de bestemming ‘Natuur’. Op deze wijze kon bij een tussentijdse ontmanteling van het baggerdepot de vrijgekomen grond worden ingericht als natuurgebied. Op 21 november 2011 heeft Milieupark Oost een plan gepresenteerd aan de gemeente voor het inrichten van een deel van de bedrijfslocatie Oost 2 als natuurgebied. Dit inrichtingsplan is door Milieupark Oost gemaakt naar aanleiding van een raadsbesluit op 18 oktober 2010. Met dat raadsbesluit is besloten dat de bedrijfsvoering van Milieupark Oost op de locatie Oost 2 aan de Oostoeverweg in verkleinde vorm doorgezet kan worden, waarbij de 6 ha die vrijkomt, moet worden ingericht als natuurgebied. Vanaf 2013 diende de bedrijfsvoering op deze 6 ha te worden afgebouwd, waarna de grond begin 2016 gebruik wordt genomen als natuurgebied. Marinehaventerrein De Oostoeverweg vormt de hoofdtoegangsweg tot het Marinehaventerrein waarvan de poort is gelegen in het noordwesten van het bestemmingsplan. 2.3.2Voorzieningen Binnen het plangebied zijn geen detailhandel, horeca, onderwijs en zakelijke dienstverlening aanwezig. Recreatie en Toerisme Het plangebied kent via een aftakking van de Oostoeverweg (Verlengde Oostoeverweg) in het noorden van het plangebied de mogelijkheid om aan de rand van de Waddenzee (in het bijzonder het Balgzand) te komen. Hier staat ook een gebouw van Rijkswaterstaat van waaruit de Waddenvereniging excursies organiseert over het Wad. Tevens word incidenteel het gebied ‘t Kuitje gebruikt als locatie om (vissers)bootjes te water te laten om op het wad te vissen en te varen. Nabij de sluis tussen de Schermerboezem en de Amstelmeerboezem (ten zuiden van het natuurgebied) zijn is de jachthaven De Parel gelegen waar een aantal ligplaatsen aanwezig zijn voor bootjes. Overige voorzieningen In het noorden van het Balgzandkanaal ligt een spuisluis. Via deze sluis wordt het boezemwater van het Amstelmeer of de Balgzandpolder op de Waddenzee gespuid. 2.3.3Wonen Binnen het plangebied wordt op twee locaties gewoond te weten: In twee woningen nabij de Rijksweg N99; Op het bedrijventerrein aan de Oostoeverweg. De woningen nabij de Rijksweg N99 Naast de aansluiting van de Oostoeverweg op de Rijksweg N99 bevindt zich een tweetal voormalige sluiswachterswoningen (Oostoeverweg 2 en 3). Deze voormalige bedrijfswoningen zijn door Rijkswaterstaat verkocht en thans in gebruik als burgerwoningen. In de bestemmingsplannen vanaf 1994 zijn deze woningen al bestemd als woning zonder verdere beperkingen ten aanzien van het gebruik. Bewoning op het bedrijventerrein Oostoever Uit controle van het gemeentelijke bevolkingsregister blijken op het bedrijventerrein Oostoever op een drietal adressen mensen te zijn ingeschreven als bewoners. Deze adressen zijn Oostoeverweg 15, 17 en 17b. Uit dossieronderzoek blijkt dat de woningen op de percelen Oostoeverweg 15 en 17b er thans staan op grond van het overgangsrecht welke is verkregen bij het van kracht worden van het toenmalige bestemmingsplan Oostoever 1994, deze woningen zijn vervolgens in het bestemmingsplan Oostoever 2004 positief bestemd. De overige twee percelen werden clandestien bewoond. Vanaf het bestemmingsplan “Oostoever 1994” is bewoning van het bedrijventerrein niet meer toegestaan. In het bestemmingsplan Oostoever 2004 zijn deze woningen dan ook niet positief bestemd. Omdat is gebleken dat de woning Oostoever 17 al lager dan 20 jaar werden bewoond is inmiddels met de individuele bewoners een persoonsgebonden overgangsregeling getroffen. Bij verhuizing of overleiden vervalt deze regeling en mag het pand/stacaravan niet meer voor bewoning worden gebruikt.

Rechtspraak bij dit artikel