Wij werken met ‘het resultaat schoon en leefbaar huis.’ Wij baseren de inzet van ondersteuning op het ‘Normenkader huishoudelijke ondersteuning 2019’ (bureau HHM). Een schoon en leefbaar huis houdt in dat het huis normaal bewoond en gebruikt kan worden. Schoon betekent dat de basis hygiëne in orde is en dat vervuiling van het huis en gezondheidsrisico’s voor bewoners worden voorkomen.
Leefbaar houdt in dat het huis opgeruimd en functioneel is, bijvoorbeeld om vallen te voorkomen. Samen met de gids wordt er gekeken welke onderdelen in uw situatie van toepassing zijn. Hierbij wordt een onderscheid gemaakt wat een hulp oppakt en wat u en uw netwerk kan doen.
2.1.1 Basis
Het normenkader dat wij hanteren bestaat uit verschillende onderdelen, zie afbeelding 1. De basis van huishoudelijke ondersteuning bevat alle schoonmaakwerkzaamheden die in het huis worden gedaan. Er wordt samen met de gids gekeken naar welke onderdelen van de basis schoon en leefbaar van toepassing zijn in uw situatie. Het besluit of en wat voor huishoudelijke ondersteuning iemand nodig heeft, kan voor elke inwoner anders zijn. In bijlage 2 staat een overzicht van deze activiteiten per woonruimte.
De werkzaamheden en bijbehorende tijd zijn gebaseerd op een gemiddeld huishouden. Een gemiddeld huishouden houdt het volgende in:
een huishouden met 1 of 2 volwassenen zonder thuiswonende kinderen;
wonend in een eigen huis (dus geen zorginstelling), gelijkvloers of met een trap;
de inwoner kan de woning dagelijks op orde houden (bijvoorbeeld aanrecht afnemen, post opruimen) zodat deze gereed is voor de schoonmaak;
de inwoner heeft geen mogelijkheden om zelf bij te dragen aan de activiteiten die moeten worden uitgevoerd;
er is geen ondersteuning vanuit mantelzorgers, netwerk en vrijwilligers bij activiteiten die moeten worden uitgevoerd;
er zijn geen huisdieren aanwezig die extra inzet van ondersteuning vragen;
er zijn geen beperkingen of belemmeringen aan de orde bij de inwoner die maken dat de woning extra vervuilt of dat de woning extra schoon moet zijn;
de woning heeft geen uitzonderlijke inrichting en is niet extra bewerkelijk of extra groot.
Bij de berekening is ook rekening gehouden met de frequentie (aantal keren) van uitvoering van de activiteiten. Er zijn taken die wekelijks/2-wekelijks of met een of met een lagere frequentie (bijvoorbeeld: 1x per kwartaal of 2x jaar) gedaan worden. Zie bijlage 2 voor een overzicht van alle taken met frequenties.
Activiteiten die wekelijks of 2-wekelijks moeten worden gedaan zijn bijvoorbeeld:
het schoonmaken van de keuken (aanrecht, gootsteen, kookplaat, vloer), badkamer en toilet(ten);
het stoffen, opruimen, stofzuigen en eventueel dweilen van de gang, eventuele trap naar de slaap etage, woonkamer en kamers die in gebruik zijn als (dagelijks) slaapvertrek;
het verschonen van de bedden.
Activiteiten die met een lagere frequentie worden gedaan:
het schoonmaken van de keukenkastjes, oven, afzuigkap en de koelkast/vriezer;
het afnemen van tegelwanden in de badkamer en toilet;
het zemen van de ramen aan de binnenzijde.
In het normenkader is, naast de directe tijd ook indirecte tijd opgenomen. Dit is tijd die nodig is voor binnenkomen, afspraken maken, het koffiemomentje en bijvoorbeeld het pakken en opruimen van schoonmaakmiddelen. Deze indirecte tijd is even noodzakelijk als de directe tijd om de beoogde resultaten te behalen.
In het normenkader zijn tijden opgenomen die bij elkaar een totaaltijd opleveren. Een totaaltijd is voldoende om de noodzakelijke activiteiten door een professional uit te laten voeren. Dit zijn geen instructietijden voor de uitvoering van specifieke activiteiten. Iedere situatie heeft een eigen verdeling van de totaaltijd over verschillende activiteiten. U maakt zelf met de hulp afspraken over hoe de werkzaamheden worden gedaan. Daarbij staat de totaaltijd vast. Persoonlijke voorkeuren van u leiden niet tot het extra inzetten van tijd.
2.1.2 Extra inzet
De gids bepaalt samen met u aan de hand van een onderzoek welke hulp nodig is. In het onderzoek wordt gekeken of met de eigen kracht (de algemene voorzieningen in combinatie met een eventuele inzet van het basispakket), een schoon en leefbaar huis kan worden bereikt.
Wanneer er sprake is van (medische) beperkingen waardoor de basisondersteuning niet passend is, kan er extra inzet worden toegewezen. De gids kan hierbij een medisch advies aanvragen om de impact van de beperking goed te kunnen beoordelen. De uitleg van het medisch advies is te vinden in hoofdstuk 1.8.
Er kan 30 of 60 minuten extra tijd worden toegekend. Er wordt per situatie bekeken hoeveel extra tijd er nodig is. Een richtlijn is dat er 30 minuten extra wordt ingezet als er extra goed moet worden schoongemaakt. 60 minuten kan worden toegekend als er extra goed moet worden schoongemaakt, waardoor de hulp een extra keer in de week moet langskomen.
De standaard situatie gaat uit van een huishouden van 1 à 2 personen. Wanneer er extra personen in het huishouden zijn, hoeft dit niet automatisch te betekenen dat er extra inzet van hulp nodig is. Deze extra personen kunnen wellicht zelf een deel van het huishouden doen, zie de beschrijving van gebruikelijke hulp in hoofdstuk 1.5. Alleen wanneer deze extra personen in het huishouden niet zelf de zorg kunnen leveren, dan kan er extra inzet worden toegewezen.
In het normenkader wordt er een onderscheid gemaakt tussen een extra kamer ‘in gebruik’ en ‘niet in gebruik’. Met in gebruik bedoelen wij een kamer die dagelijks gebruikt wordt en essentieel (belangrijk) is voor het dagelijks leven. Dit gaat bijna altijd over een extra slaapkamer. Bijvoorbeeld: een echtpaar slaapt vanwege medische of persoonlijke redenen in twee slaapkamers.
Als er kinderen thuis wonen met een eigen slaapkamer, wordt er eerst gekeken of zij zelf hun kamer kunnen schoonmaken. Hierbij gebruiken wij het protocol gebruikelijke hulp van het CIZ zoals vermeld in hoofdstuk 1.5. Wanneer de kinderen niet zelf kunnen meehelpen (bijvoorbeeld vanwege een eigen beperking of leeftijd), wordt er extra tijd toegewezen.
Met kamers die niet in gebruik zijn, bedoelen wij de hobbykamer, bijkeuken, computerkamer enz. Dit zijn niet essentiële ruimten die de inwoner wel gebruikt, maar die niet wekelijks schoongemaakt hoeven te worden. Bijvoorbeeld eens in de twee weken of maandelijks is voldoende. Er wordt tijdens het onderzoek van de gids gekeken wat u of uw netwerk kan doen om deze ruimte schoon te houden. Alleen als blijkt dat het huis zodanig extra wordt vervuild als deze ruimte niet worden schoongemaakt, kan hier extra tijd voor worden toegewezen.
De inrichting, staat en omvang van het huis worden meegenomen in de beslissing van de gids. Dit betekent niet dat, wanneer deze afwijkt van het gemiddelde huishouden, er automatisch meer inzet wordt toegewezen. Er wordt altijd gekeken naar de eigen mogelijkheden. Een voorbeeld is een woning met een zeer volle inrichting van beeldjes en/of fotolijstjes. In dit geval kan van u gevraagd worden om rekening te houden met de inrichting van het huis of dat u of uw netwerk deze extra taak zelf oppakt.
Er wordt in het algemeen geen extra tijd toegekend wanneer er huisdieren aanwezig zijn. Dit valt onder basisactiviteiten. Er kan een uitzondering worden gemaakt wanneer er sprake is van bijzondere hoeveelheid extra vervuiling. Werkzaamheden buiten het huis zoals de tuin en de buitenkant van de ramen, zijn uitgesloten van huishoudelijke ondersteuning. Hiervoor zijn algemene voorzieningen aanwezig (zie 1.7)
2.1.3 Wasverzorging
U kunt ondersteuning krijgen bij wasverzorging wanneer u zelf niet meer de was kunt doen. Concrete taken bij deze ondersteuning zijn het sorteren, wassen, drogen, opvouwen en opbergen van het wasgoed. Bedden- en linnengoed valt ook onder wasgoed.
In de gemeente Dronten kunnen alle inwoners gebruik maken van een wasservice, uitgevoerd door topcleaning. Dit is een algemene voorziening. Een gids bekijkt tijdens het onderzoek eerst of u gebruik kan maken van de wasservice. Wanneer dit mogelijk is, kunt u hier met korting gebruik van maken. Wanneer de wasservice geen passende oplossing voor de vraag is, dan kan er extra tijd worden toegekend voor de wasverzorging, zie afbeelding 1.
2.1.4 Bereiden van maaltijden
Wanneer u zelf geen maaltijden kunt klaarmaken, kunt u ondersteuning krijgen om u daarbij te helpen. U kunt gebruik maken van bijvoorbeeld uw eigen netwerk, kant- en-klaar maaltijden of hulp via de thuiszorg. Wanneer dit geen passende oplossing is, kan er extra tijd worden toegekend voor het bereiden van de maaltijd.
De taken bij deze ondersteuning zijn broodmaaltijd bereiden, warme maaltijd opwarmen, maaltijd en benodigdheden klaarzetten, afruimen en afwassen of in- en uitpakken van de vaatwasser. Het doen van boodschappen en het koken van de warme maaltijd valt niet onder werkzaamheden van de hulp.
2.1.5 Regie
Regie/organisatie
Alle hulpen hebben een signaleringsfunctie met betrekking tot de gezondheid en welzijn van de inwoner. Dit houdt in dat de hulp in de gaten houdt of er veranderingen optreden en indien nodig actie onderneemt. Deze functie is standaard onderdeel van het werk van de hulp. Wanneer de hulp een grotere rol heeft in de regie/organisatie rondom het huishouden, dan kan daar extra tijd voor worden toegewezen. Een voorbeeld is als de hulp wekelijks met u en/of uw netwerk om tafel gaat om zaken te regelen, zoals maken van een planning, zorgen dat afspraken worden nagekomen of samen de post doen.
Advies, voorlichting en instructie (AVI)
Er kan specifiek aandacht worden besteed aan het aanleren en samen uitvoeren van de activiteiten gericht op een schoon en leefbaar huis, de was-verzorging, boodschappen doen en bereiden van maaltijden. Dit heeft als doel om u zelfstandiger te maken in het huishouden. Dit traject kan maximaal voor 6 weken worden ingezet.
Kinderen verzorgen
Onderdeel van een leefbaar huishouden is ook de verzorging van minderjarige kinderen. Wanneer u door een beperking tijdelijk of structureel niet (meer) zelf de kinderen kan verzorgen en nog geen eigen oplossing heeft zoals een andere ouder of mantelzorg, dan kan de hulp hierbij tijdelijk ondersteunen. Activiteiten die hieronder kunnen vallen zijn: tasjes/lunchtrommel voor school klaarmaken, aankleden, wassen, eten geven, naar school/crèche brengen en naar bed brengen. Samen met de gids wordt er een lijst met activiteiten bepaald en gekeken naar hoeveel tijd daarvoor nodig is. Dit is in elke situatie maatwerk.
2.1.6 Tarief
Wanneer u in aanmerking komt voor de basisondersteuning schoon en leefbaar huis, ontvangt de zorgaanbieder een vast bedrag. Wanneer er meer inzet nodig is, omdat er bijvoorbeeld extra goed moet worden schoongemaakt of omdat er wasverzorging nodig is, dan wordt er een minutentarief gebruikt.
Hoofdstuk 2
Artikel 2.1
Schoon en leefbaar huis
Onderdeel van Nadere regels Wet Maatschappelijke ondersteuning 2020