Naar hoofdinhoud
In de tabel in bijlage 1 zijn de soort en de hoogte van de dwangsommen per type overtreding opgenomen. Er kunnen omstandigheden zijn waarbij de dwangsomrichtlijn wordt bijgesteld naar boven of naar beneden. Bijvoorbeeld als de overtreding zeer klein is. Dan kan de dwangsomhoogte naar beneden worden bijgesteld, met een minimum van € 250,= als sprake is van recidive. Dan zou het bedrag juist verhoogd moeten worden. Als richtlijn geldt het bedrag uit de tabel x2. Bovendien wordt na twee maal een last onder dwangsom te hebben opgelegd overgegaan op bestuursdwang (behoudens uitzonderingen). als de overtreding begaan wordt door een bedrijf in plaats van door een particulier. Dan kan het bedrag van de last met 50% worden verhoogd. indien een overtreding wordt begaan in een monumentaal pand of waar asbest een rol speelt. In dat geval zal de van toepassing zijnde dwangsom worden verhoogd met een bedrag dat recht doet aan de aanvullende feiten. De verhoging van de dwangsom wordt bepaald aan de hand van de feiten en omstandigheden binnen de aangegeven bandbreedtes, er wordt onder andere gekeken naar: Asbest: is de asbestbesmetting binnen een pand of buiten een pand (in de openbare ruimte) geconstateerd. Monument: is er sprake van een overtreding bij een monument waarbij sprake is van aantasting van waardevolle onderdelen van een monumentaal pand of van een pand met hoge cultuurhistorische waarde. De tabel in bijlage 1 mag niet leiden tot calculerend gedrag van (mogelijk) overtreders (bedrijven of personen): aan de tabel kunnen géén rechten worden ontleend. Het college van B en W is gerechtigd om in een concreet geval, in afwijking van de bedragen in de tabel, een lagere of hogere dwangsom op te leggen. De dwangsom mag overigens geen punitief karakter krijgen, daar zijn andere wetten voor.

Rechtspraak bij dit artikel