De applicatiebeheerder:
- - geeft ondersteuning bij het gebruik van het toepassingssysteem;
- - kent in overleg met de privacybeheerder aan binnengemeentelijke afnemers de autorisatie van rechtstreekse toegang tot de BRP toe;
- - kent in overleg met de informatiebeheerder de autorisatieniveaus toe aan de gegevensverwerkers, de gegevensbeheerder, de privacybeheerder en de informatiebeheerder;
- - test en evalueert de nieuwe versies van het toepassingssysteem, alsmede het testen en evalueren van nieuwe apparatuur;
- - beoordeelt de gevolgen van de installatie van nieuwe en of gewijzigde versies van het toepassingssysteem en geeft hierover voorlichting aan de gegevensverwerkers;
- - verzamelt alle problemen en klachten, die bij het gebruik van het toepassingssysteem ontstaan en zorgt, door inschakeling van andere beheerders of een derde, voor een oplossing;
- - coördineert de communicatie en zorgt zo spoedig mogelijk voor een oplossing in geval van storingen binnen het toepassingssysteem, zo nodig door inschakeling van andere beheerders of een derde;
- - beheert de tabellen van de BRP;
- - beheert de gebruikersdocumentatie;
- - stelt een planning op van periodieke gegevensverstrekking die op basis van autorisatiebesluiten worden gedaan en voert deze uit;
- - verzorgt de afhandeling van verzoeken om managementgegevens;
- - neemt deel aan het externe gebruikersoverleg;
- - neemt deel aan overleg met betrekking tot applicatiebeheer;
- - neemt deel aan het in artikel 7, tweede lid, bedoelde overleg.