Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 2.3

Prijsontwikkeling grondprijzen

Onderdeel van Grondprijzenbrief 2021

Woningbouw De grondprijzen voor woningbouw zijn enerzijds afhankelijk van de ontwikkeling van de verkoopprijzen en anderzijds van de ontwikkeling van de stichtingskosten (bouw- en bijkomende kosten) van woningen. Zoals blijkt uit de gegevens van de NVM is nog steeds sprake van een opwaartse ontwikkeling in de woningprijzen (zowel in de regio Zwolle als nationaal), mede als gevolg van de aanhoudende krapte op de woningmarkt. Ook de bouwkosten van woningen zijn de afgelopen jaren sterk gestegen. Deze trend lijkt nu echter af te vlakken. Uit gegevens van het bouwkostenkompas en het CBS blijkt dat voor de bouwkosten sprake is van een stijging met ruim 2% ten opzichte van vorig jaar. De aanbestedingsindex laat zelfs een kleine daling zien van 0,7% ten opzichte van vorig jaar. Op basis van de omschreven prijsontwikkelingen kan worden aangenomen dat de grondprijzen voor woningbouw een relatief sterke stijging laten zien ten opzichte van vorig jaar, aangezien de (residuele) grondprijs doorgaans wordt beschouwd als het verschil tussen de marktwaarde van een woning (exclusief BTW) en de stichtingskosten. Hierbij zijn twee kanttekeningen te maken: Per 1 januari 2021 gelden aangescherpte eisen aan de energieprestatie van woningen (de zgn. BENG-eisen, Bijna Energieneutrale Gebouwen). De invoering van BENG leidt naar verwachting weer tot een toename van de bouwkosten. Het is moeilijk in te schatten wat voor effect de coronacrisis heeft op de woningmarkt. ABN Amro voorziet in de woningmarktmonitor van oktober (2020) voor 2021 een stabilisatie van de huizenprijzen. De Rabobank gaat uit van een (tijdelijke) lichte daling vanaf het laatste kwartaal van 2020. Desondanks blijft de druk op de woningmarkt hoog, waardoor een daling van de huizenprijzen vooralsnog is uitgebleven. Ondanks bovengenoemde kanttekeningen kan - met de nodige voorzichtigheidsmarge - worden aangenomen dat zowel in de regio Zwolle als nationaal over het afgelopen jaar onderliggend sprake is van een gemiddelde stijging van de grondprijzen voor woningbouw in de bandbreedte 5% tot 10%. Bedrijventerreinen Grondprijzen voor bedrijventerreinen worden niet residueel, maar comparatief bepaald. De uitgifteprijs is daarbij sterker locatieafhankelijk dan bij woningbouw, omdat deze wordt beïnvloed door tal van factoren als schaarste, locatie, bereikbaarheid, branchering, toegestane milieucategorie en de maximaal te realiseren vloeroppervlakte. Over de ontwikkeling van grondprijzen voor bedrijfskavels over het afgelopen jaar zijn weinig cijfers beschikbaar, wel is de nodige informatie voorhanden over de opname van bedrijfsruimte. Uit onderzoek van vastgoeddienstverlener Savills blijkt dat de opname van bedrijfsruimte in het eerste kwartaal van 2020 sterk is gedaald als gevolg van de coronacrisis, terwijl in het tweede kwartaal van 2020 juist sprake was van herstel en stabilisatie tot het niveau van 2019. De impact van de coronacrisis op de verdere ontwikkeling van de opname van bedrijfsruimte en de prijs van grond voor bedrijfskavels is lastig te voorzien en zal per bedrijventerrein verschillen. In dit licht worden de grondprijzen voor bedrijfskavels in deze grondprijzenbrief met 1% geïndexeerd, in lijn met het percentage dat is gehanteerd bij de meest recente jaarlijkse actualisatie van de gemeentelijke grondexploitaties. In de gemeente Zwartewaterland is in 2021 alleen uitgifte van bedrijfsgrond op bedrijventerrein Kranerweerd voorzien.

Rechtspraak bij dit artikel