Voor toepassing van baggerspecie in oppervlaktewater is de waterkwaliteitsbeheerder bevoegd gezag. De indeling in kwaliteitsklassen is anders dan voor landbodem, namelijk:
Achtergrondwaarde
Klasse A
Klasse B
Ook zijn er regels voor Grootschalige bodemtoepassingen in oppervlaktewater. Naar aanleiding van de adviezen van de Commissie Verheijen (2009) zijn de regels voor toepassingen in ‘diepe putten’ (meestal voormalige zandwinputten) nader ingevuld. De regels zijn strenger geworden dan in de oorspronkelijke tekst van het Bbk. Er wordt onderscheid gemaakt naar ligging van de te verondiepen plassen. Ook worden er nu eisen gesteld aan de gehalten aan nutriënten in de afdeklaag van een verondieping.
Bij de herziening van het Bbk in 2014 zullen deze adviezen worden ingebed in de wetgeving. Tot dan is door alle betrokken partijen (zowel overheden als brancheorganisaties) afgesproken zich al vrijwillig aan die adviezen te houden. Op dit deel van de regelgeving wordt in deze nota verder niet ingegaan omdat wij (de gemeenten, c.q. de Omgevingsdienst) daarvoor geen bevoegd gezag zijn. Wel adviseert de Omgevingsdienst de gemeenten op dit punt.
Hoofdstuk 6.
Artikel 6.1.