Kansenbrief van de toeristische sector aan het Veerse college
In 2018 stuurde de toeristische sector een kansenbrief aan het Veerse college. De sector pleit hierin voor ‘de keus voor een houdbaar toeristisch product is er één voor kwaliteit, met oog voor de inwoners van Veere, onze unieke landschappelijke waarden en rijke historie.’
De sector ziet de volgende kansen en bedreigingen:
Een vitale toeristische sector als beste garantie van een leefbaar en gezond Veere
Kleinschaligheid van Veerse bedrijven als hoeder van kwaliteit
Heldere visie en consistent beleid als basis voor kwaliteitsverbetering en draagvlak
Problematische arbeidsmarkt als grootste uitdaging voor ondernemers
Jaarrond aantrekkelijkheid en cultuurtoerisme
Een complete toeristische infrastructuur
Veiligstellen van de unieke en onderscheidende kwaliteiten van ons gebied
Aandacht voor de impact van lastenverhogingen
Wens voor bredere denktank voor verdere verbetering en continuïteit van het toeristisch aanbod
Verbreding van de toeristisch inkomsten van de gemeente is noodzakelijk, met bijdragen van de dagtoerist en de niet-verblijfsrecreatieve bedrijven
Rapport Leefbaarheid & Toerisme
Het attitudeonderzoek dat onderdeel uitmaakt van het Rapport Leefbaarheid & Toerisme uit 2019 besteedt aandacht aan de mate waarin inwoners het toeristische beleid van de gemeente steunen. Uit de respons blijkt dat 60% van de inwoners toerisme steunt, tegenover 20% van de inwoners die aangeeft toerisme niet te steunen en 20% blijft neutraal. Op de vraag of Veere een toeristische bestemming moet blijven antwoorden zeven op de tien inwoners (73%) bevestigend. Tot slot, geven vier op de tien inwoners aan dat toerisme actief moet worden aangemoedigd.
De conclusie van het onderzoek is dat het merendeel van de inwoners van de gemeente toerisme steunt, maar dat zij kanttekeningen plaatst bij (ongereguleerde) verdere groei. Ook hier geldt dat in bepaalde kernen de steun breder is dan in andere kernen. Er zijn vijf belangrijke aandachtspunten om brede steun te hebben in de toekomst voor het toerisme in Veere12:
Sturen op balans en inspelen op kansen;
Vergroten draagvlak voor toerisme door balans tussen druk en draagkracht te herstellen;
Toerisme als middel om waarde toe te voegen aan de leefomgeving;
Zeggenschap: in beleid en in de praktijk;
Zichtbaar maken bestaand beleid en inspanningen.
Omgevingsvisie Veere 2047
De uitgangspunten van de Omgevingsvisie Veere 2047 zijn ingebed in dit programma. In een periode van 1,5 jaar zijn 2 grote enquêtes onder de Veerse inwoners uitgezet, voor en tijdens de coronapandemie. De eerste, het inwonersattitudeonderzoek, onderzocht in het voorjaar 2019 wat de impact van het toerisme op de inwoners is. De tweede enquête in de zomer van 2020 was breder en richtte zich op de onderwerpen voor de omgevingsvisie (wonen, landschap, toerisme, mobiliteit, milieu, gezondheid, sociale cohesie en openbare ruimte). De gemeente heeft haar inwoners gevraagd hoe belangrijk het toerisme is voor de toekomst van Veere. Aandachtspunten die uit beide
onderzoeken naar voren komen is dat inwoners meer belang hechten aan de leefbaarheid dan aan het aanjagen van het toerisme. En inwoners vinden het behoud van het Veerse landschap zeer belangrijk. Tevens blijkt uit de enquête voor de omgevingsvisie dat inwoners het onderwerp wonen het meest belangrijk vinden. Woongenot is blijkbaar leidend en toerisme hoort hier een bijdrage aan te leveren.
Rapport Economisch belang van de stranden voor toerisme in Zeeland
De kustgemeenten hebben in 2019 gevraagd aan het Kenniscentrum Kusttoerisme (KCKT en onderdeel van HZ University of Applied Sciences) om een raming te maken van het economisch belang van de stranden voor toerisme in Zeeland. Aanleiding hiervoor was om te verkennen welke bronnen van financiering voor zandsuppleties denkbaar zijn.
Het rapport (zie bijlagen) toont aan op basis van berekeningen en analyses dat het belang van de stranden wordt geraamd op 59% tot 62% van alle toeristische bestedingen in de kustgemeenten. De totale toeristische bestedingen in de kustgemeenten bedragen in 2019 € 1,29 miljard. Tussen € 757 miljoen en € 802 miljoen kan worden toegerekend aan het strand. Dit omdat het strand het primaire bezoekmotief is of een belangrijk onderdeel van het verblijf. De toeristische bestedingen die dankzij de stranden worden gerealiseerd in de kustgemeenten leiden tot een enorme werkgelegenheid, die zich bevindt in de bandbreedte tussen 7.550 en 8.100 banen. Omgerekend in FTE gaat het om 3.980 tot 4.260 FTE.
Dit onderzoek bevestigt opnieuw dat de kwaliteit van de stranden van groot belang zijn voor een toeristische kustgemeente als Veere.
Perspectief 2030 voor toerisme in Nederland
De groei, zoals door het NBTC voorspeld, blijft naar verwachting doorzetten. Dit is in 2018 gepresenteerd in het landelijke adviesrapport Perspectief 2030 van het NBTC. Het rapport is opgesteld door 100 professionals die direct of indirect betrokken zijn bij de Nederlandse toeristische sector. Zie bijlagen. Afhankelijk van het gekozen scenario zal het aantal overnachtingen tussen 2018 en 2030 voor gemeente Veere groeien met een range tussen de 21% en 49%, ofwel een stijging van tussen de 1,1 miljoen en 2,5 miljoen overnachtingen. Dus ook voor de toekomst worden forse groeicijfers verwacht.13 Alhoewel sommige partijen kritisch zijn op dit rapport omdat de geschetste groei uitermate hoog is, is het evident dat het komende decennium er grote aantrekkingskracht van de kustgemeenten uitgaat.
Waardevol toerisme volgens de Raad voor de leefomgeving
Als de voorspelde groei daadwerkelijk plaats gaat vinden, zullen de grenzen van de leefbaarheid in bepaalde kernen worden overschreden. Dit is een nieuw fenomeen. Gemeente Veere heeft nog geen normen of ijkpunten waar aan getoetst kan worden. We realiseren ons dat als de grens wordt overschreden, het moeilijk is om het tij te keren. Hierdoor is gemeente Veere uiterst terughoudend in het toestaan van uitbreiding van het aanbod aan verblijfsaccommodaties. Volgens experts moet er bij nieuwe initiatieven sprake zijn van het toevoegen van waarde. En dit is niet alleen economische waarde. Juist niet. Het gaat nu vooral om het toevoegen van niet-economische waarde: duurzaamheid, klimaatadaptatie, energieneutraal, circulariteit, sociale cohesie, diversiteit, leefbaarheid, landschap, natuur en beleving. Dit is een nieuwe manier om naar het verdienmodel van het toerisme te kijken. Dit geldt niet alleen voor een populaire kustgemeente als Veere. Dit speelt in meerdere toeristische bestemmingen in Nederland. En zelfs wereldwijd. In 2019 heeft Raad voor de leefomgeving en infrastructuur het rapport ‘Waardevol toerisme, onze leefomgeving verdient het’ opgesteld dat ingaat op het belang en de noodzaak hiervan.
Zoals door de Veerse toeristische sector verwoord in de kansenbrief in 2018: ‘De waarde van het gebied zit niet in (meer) recreatief onroerend goed en projectontwikkeling, maar in duurzame, adaptieve en rendabele exploitaties. Verouderd recreatief onroerend goed moet worden vervangen of gerenoveerd en/of aangepast in plaats van nieuwbouw op andere locaties’.
Economische impact coronacrisis op Zeeuwse vrijetijdssector (vervolgonderzoek – najaar 2020)
De coronacrisis startte in maart 2020 en is bij het voltooien van het Programma Toerisme nog niet ten einde. De impact van deze pandemie is ongekend. Het is moeilijk te voorspellen wat de gevolgen voor de langere termijn zullen zijn. Het is duidelijk dat deze crisis grote gevolgen heeft voor de Veerse economie. Het heeft het gevaar van een eenzijdige economie blootgelegd. Het creëert een momentum om ons te bezinnen en de omschakeling naar veilig, duurzaam kwaliteitstoerisme te versnellen.
Het Kenniscentrum Kusttoerisme heeft in het najaar 2020 de economische impact van de coronacrisis op de Zeeuwse vrijetijdssector gemeten. Zie de bijlagen voor het rapport. Dit zijn de belangrijkste conclusies voor de verblijfsrecreatie in Zeeland:
In totaal hebben 357 respondenten de vragenlijst (grotendeels) ingevuld. Door de goede regionale spreiding en spreiding qua type bedrijfsactiviteiten geven de resultaten een goede impressie van de huidige situatie in de vrijetijdssector in Zeeland.
De verblijfsaccommodaties hebben zeer veel overnachtingen en omzet misgelopen in het voorseizoen. Zeeland werd harder geraakt dan andere regio’s, door het verbod op toeristisch overnachten in deze periode. Vervolgens pakte de zomer voor diverse soorten verblijfsaccommodaties totaal verschillend uit.
Campings, minicampings en bungalowparken profiteerden optimaal van de toegenomen belangstelling voor vakantie in eigen land en zagen een recordaantal overnachtingen. 93% van de respondenten uit deze verblijfsrecreatie verwacht het jaar positief af te sluiten.
Daarentegen laten respondenten met hotels, B&B’s en groepsaccommodaties een totaal ander beeld zien. Deze groep heeft nauwelijks kunnen profiteren van de toename in overnachtingen in de zomer. Vooral de groepsaccommodaties hebben het zeer moeilijk, aangezien de groepsmarkt vanwege de coronamaatregelen volledig stil kwam te liggen. 40% van de respondenten in dit
verblijfssegment (hotels, B&B’s, groepsaccommodaties) verwacht het jaar met (fors) verlies af te sluiten.
Zeer veel ondernemers zullen 2020 met een negatief resultaat afsluiten. Hoewel respondenten zeggen deze negatieve resultaten nu nog te kunnen opvangen, zijn er grote zorgen over de liquiditeit in de komende periode. Deze bedrijven balanceren op het randje van de afgrond. De trage uitbetaling van steunmaatregelen leidt tot extra zorgen.
Veel ondernemers geven aan hun personeel koste wat kost te willen behouden. De korte looptijd van maatregelen maakt het moeilijk om keuzes te maken qua personeel. Ondernemers missen duidelijkheid over het perspectief: wanneer mogen we weer open en hoe? Personeel wordt vanwege die onduidelijkheid aangehouden, om maar klaar te zijn voor eventuele heropening. Dit drukt zeer zwaar op de exploitatie. Duidelijkheid over looptijd van maatregelen biedt handelings- perspectief voor ondernemers.
Ondanks de penibele financiële situatie willen veel ondernemers vooruit kijken en hun bedrijf blijven ontwikkelen. Gedurende 2020 werden zeer veel investeringen uitgesteld, maar werd toch ook wél geïnvesteerd, om te voldoen aan coronamaatregelen én om in te spelen op de kansen van seizoen 2020. Het investerend vermogen voor de komende jaren staat sterk onder druk.
Vanuit dat perspectief is het zorgwekkend dat de kredietverstrekking vanuit banken lijkt te stagneren. Sommige banken hebben landelijk de keuze gemaakt niet meer te financieren in de sector toerisme en horeca, ongeacht het perspectief van de betreffende ondernemer of het perspectief van de regio. Gezien het feit dat banken zelf constateren dat de regionaal- economische verschillen gedurende de coronacrisis groter zijn geworden, is het van belang dat zij ook bij hun kredietverstrekking aandacht hebben voor regionale kansen.
De sector ziet kansen in 2021, o.a. door een toenemende belangstelling voor vakanties in eigen land van Nederlanders. Het is van belang dat Nederlandse bestemmingen zich niet uit de markt prijzen ten opzichte van de uitgaande reissector, die in een zoektocht naar herstel zal gaan stunten met prijzen. Een gezond prijsbeleid van ondernemers is van belang, zonder prijsdumping of grote prijsverhogingen. Ook lokale overheden spelen hierin een rol. In hun begrotingen van 2021 is een tendens tot lastenverzwaring zichtbaar, waaronder soms forse verhogingen van toeristenbelasting.
De toeristische keten staat niet op zichzelf en is nauw verweven met een enorm netwerk van toeleveranciers in allerlei sectoren. Dit betreft een zeer brede variëteit van sectoren: groothandel, schoonmaakbedrijven en wasserijen, afvalverwijdering, energiebedrijven, hoveniersbedrijven, caravanimporteurs, bouwbedrijven, enz. Omzetverlies in toerisme leidt dus direct tot omzetverlies in deze sectoren en heeft daarmee impact op de gehele Zeeuwse economie.
Toerisme, horeca en vrijetijdssector is van groot belang voor Zeeland, zowel economisch als qua leefbaarheid en voorzieningenniveau. Als gevolg van de coronacrisis staat het voortbestaan van een substantieel deel van de sector onder druk. Dit heeft grote impact op de sector, maar ook voor de Zeeuwse economie en leefbaarheid.
Conclusies
Toerisme zorgt voor hoge welvaart, voorzieningen en werkgelegenheid.
Er zijn grote verschillen tussen de kernen op het gebied van verblijfsaccommodaties in aantal, verdeling binnen en buiten de kern en verdeling particuliere verhuur en bedrijfsmatige verhuur.
De potentie voor nieuwe ontwikkelingen en/of uitbreiding is ongelijk verdeeld tussen reguliere campings en minicampings en tussen hoteliers en particuliere verhuurders.
De groeivoorspelling voor het aantal toeristische overnachtingen is fors.
Toerisme houdt niet op bij de gemeentegrens, maar ook omliggende gemeentes zijn van invloed op de Veerse leefbaarheid.
60% van de inwoners wil niet dat het toerisme actief wordt aangemoedigd en plaatst kanttekeningen bij (ongereguleerde) verdere groei.
De toeristische sector pleit voor kleinschaligheid, veiligstellen van de omgeving en meer samenwerking met de cultuursector. Zo wordt een interessant en jaarrond product gecreëerd waardoor zij carrièreperspectieven kan bieden aan personeel om zo een meer structurele, robuuste organisatie te zijn.
De gevolgen van de coronacrisis zijn onzeker. Vakantie in eigen land zal op de korte termijn toenemen. Het ligt in de lijn der verwachting dat de toeristische sector weer terug zal veren en toekomstperspectieven behoudt. Dit is het moment om gewenste veranderingen in te zetten.
Hoofdstuk 3.
Artikel 3.3
Toekomstverwachting en richting aangeven
Onderdeel van Programma toerisme 2021-2026