8.3.1 Inleiding
Vergunningverlening is een belangrijke taak van de gemeente. In dit hoofdstuk worden de uitgangspunten van vergunningverlening uitgewerkt en een toelichting gegeven op de toepassing van de Landelijke Toetsmatrix Bouwbesluit en de vaste toetsingskaders waarmee wordt gewerkt. Daarnaast zal in deze beleidsperiode geëvalueerd moeten worden in hoeverre in de uitvoering van vergunningverlening wordt gewerkt volgens de Kwaliteitscriteria 2.2.22Zie ook ‘Nader vast te stellen regelgeving’.
8.3.2 Uitgangspunten
Vergunningverlening legt primaire verantwoordelijkheid bij de initiatiefnemer
Initiatiefnemer is in de eerste plaats zelf verantwoordelijk voor het project en de gevolgen
Initiatiefnemers worden erop gewezen en gestimuleerd om – in de geest van de Omgevingswet - overleg met belanghebbenden te voeren om draagvlak voor de voorgenomen activiteit te krijgen.
Vergunningverlening is professioneel, transparant en betrouwbaar
Bij de behandeling van aanvragen staat adequate en professionele dienstverlening voorop
Er wordt niet meer informatie gevraagd dan nodig voor het beoordelen van de aanvraag
Documenten / bewijsstukken die al beschikbaar of raadpleegbaar zijn worden niet opnieuw gevraagd
Vergunningverlening volgt landelijke standaarden. In deze beleidsperiode wordt geëvalueerd of deze standaarden zijn geïmplementeerd. Waar verbeteringen nodig zijn, worden die in deze beleidsperiode doorgevoerd
Toepasselijke wet- en regelgeving wordt op consequente wijze toegepast
Gelijke gevallen worden op gelijke wijze behandeld en beoordeeld
Aanvragen worden snel afgehandeld, in ieder geval binnen de beslistermijnen
Vergunningen bevatten een gedetailleerde omschrijving van de aanvraag (wat wordt precies gevraagd), het besluit (wat wordt toegestaan) en de voorschriften (wat zijn de exacte condities)
Digitale dienstverlening is het uitgangspunt. Volledige digitale dienstverlening wordt onder de Omgevingswet realiteit
Vergunningen zijn op maat, openbaar en digitaal beschikbaar, begrijpelijk voor burger en bedrijf en handhaafbaar
Toepassing van doelvoorschriften heeft de voorkeur boven middelvoorschriften23Met doelvoorschriften kunnen vergunninghouders zelf invulling geven aan de verplichtingen, die daaruit voortvloeien. Dit past in de ontwikkeling van vermindering van administratieve lasten en meer deregulering en zelfsturing
Vergunningen worden overzichtelijk vastgelegd, zodat alle verplichtingen van vergunninghouder op ieder moment inzichtelijk zijn
Dit VTH-beleid is digitaal te raadplegen
Vergunningverlening wordt integraal uitgevoerd
De Wabo is gefundeerd op de integrale één-loketbenadering in vergunningverlening. Deze integrale benadering wordt onder de Omgevingswet nog belangrijker. Uit het proces van vergunningverlening komt deze integraliteit duidelijk tot uiting:
De casemanager organiseert en begeleidt de aanvrager indien nodig (vooroverleg). Tijdens het vooroverleg worden verwachtingen, taken en tijdpad duidelijk gecommuniceerd
Een ingediende aanvraag wordt beoordeeld op complexiteit van de situatie en op dwarsverbanden en/of aangehaakte toestemmingen
Indien nodig schakelt de casemanager tijdig andere vakdisciplines en externe partijen in en legt hij adviesvragen neer bij wettelijke adviseurs. De casemanager borgt daarmee de integrale beoordeling van de aanvraag
Bij vergunningaanvragen wordt actief meegedacht in mogelijkheden en oplossingen om, rekening houdend met de initiatiefnemer én de omgeving, activiteiten mogelijk te maken
De casemanager bewaakt het proces en de voortgang
De casemanager stelt het besluit samen
Vergunningverlening werkt risicogestuurd en is afgestemd op naleefbeeld en integriteit
De beschikbare capaciteit wordt zo effectief en efficiënt mogelijk ingezet door te werken volgens een risicogestuurde benadering. Activiteiten met een hoog risico krijgen meer aandacht dan activiteiten met een gemiddeld of laag risico. Bij de beoordeling van deze risico’s staan bescherming van de (volks)gezondheid, (fysieke) veiligheid en de leefbaarheid altijd voorop
Maatwerk- en/of middelvoorschriften worden opgenomen bij slecht naleefgedrag of wanneer wettelijke voorschriften onvoldoende helder zijn
Integriteit van de gemeente(lijke organen) staat hoog in het vaandel. Waar mogelijk wordt de Wet Bibob actief toegepast. Een Bibobtoets kan zodoende onderdeel zijn van de beoordeling van de aanvraag. Zie hiervoor de ‘Beleidsregels Wet Bibob gemeente Vlaardingen’
Communicatie en participatie
Informatie over aanvragen en verleende vergunningen zijn openbaar:
Aanvragen in het eigen postcodegebied zijn zichtbaar voor burgers via een digitaal abonnement op www.overheid.nl.
Bouwtekeningen en oude bouwvergunningen kunnen uitsluitend digitaal worden opgevraagd bij het Stadsarchief.
Via de app: ‘Omgevingsalert Vlaardingen’ zijn bekendmakingen gedurende 8 weken te zien. Dit kan ook via de digitale service ‘Over uw buurt’
De gemeente Vlaardingen is telefonisch bereikbaar voor vragen via (010) 248 4000.
8.3.3 De Landelijke Toetsmatrix Bouwbesluit (LTB 2012)
Dit hoofdstuk heeft betrekking op de behandeling van vergunningaanvragen voor de activiteit bouwen.
Het is in de praktijk niet mogelijk om bouwplannen te toetsen aan alle voorschriften van het Bouwbesluit. Daarom is de Landelijke Toetsmatrix Bouwbesluit ontwikkeld. Deze toetsmatrix voorziet in een praktisch hanteerbare toetsingsnorm. De toetsmatrix kent afdelingen met afzonderlijke categorieën, waaraan een standaard toetsingsniveau is toegekend.
De toetsingsniveaus
De toetsmatrix bevat vijf niveaus van toetsing (niveau 0 t/m 4) die staan voor de intensiteit waarin een onderdeel wordt getoetst. De vijf niveaus van toetsing zijn:
Niveau 0: geen toets
Niveau 1: uitgangspuntentoets: bevatten de stukken voldoende informatie over de uitgangspunten
Niveau 2: visueel toetsen: kloppen de uitgangspunten en lijken de uitkomsten aannemelijk
Niveau 3: representatief toetsen: controle van de maatgevende onderdelen
Niveau 4: volledig toetsen: alles in samenhang controleren.
Niveau 4 komt in de matrix voor met betrekking tot toepassing van gelijkwaardige oplossingen (artikel 1.3 van Bouwbesluit 2012).
De gemeente Vlaardingen is voornemens om aan de hand van de Landelijke Toetsmatrix een eigen toetsprotocol op te stellen. Daarbij zal worden bekeken of kan worden aangesloten bij het toetsprotocol van de gemeente Schiedam.
8.3.4 Vaste toetsingskaders
Voor het behandelen en beoordelen van aanvragen hanteren wij vaste toetsingskaders. De vaste toetsingskaders zijn:
Bor/vergunningsvrij bouwen
Bouwbesluit 2012
Bouwverordening Vlaardingen
Ruimtelijke regels neergelegd in bestemmingsplannen
Toetsprotocol constructies gemeente Vlaardingen
Welstandsnota Vlaardingen
Hoofdstuk 8.
Artikel 8.3