**a..** Het is Erfpachter niet toegestaan om zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van het College van B&W de Erfpacht geheel of gedeeltelijk over te dragen of daarop een beperkt recht te vestigen waardoor het gebruik van de in erfpacht uitgegeven Onroerende zaak of gedeelte daarvan aan een derde of derden (in gebruik) wordt overgedragen/vervreemd. Erfpachter dient een verzoek om toestemming minimaal twee maanden voorafgaand aan de beoogde datum van (gedeeltelijke) overdracht, vestiging van een beperkt recht waardoor het gebruik van de Onroerende zaak of gedeelte daarvan aan een derde of derden (in gebruik) wordt overgedragen/vervreemd, schriftelijk in te dienen bij het College van B&W. Het College van B&W zal uiterlijk binnen zes weken na ontvangst van dit verzoek, of zoveel later als dat het gevolg is van een eventueel Bibob-onderzoek, schriftelijk daarop reageren.
Het College van B&W zal zijn toestemming alleen onthouden indien:
Daartoe naar het uitsluitend oordeel van het College van B&W aanleiding bestaat op grond van de Wet Bibob (Wet Bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur) en het daarop gebaseerde gemeentelijke beleidsregels, indien en voor zover:
de beoogde verkrijger heeft nagelaten om de vragen die hem door de gemeente Enschede zijn gesteld op grond van artikel 30 Wet Bibob dan wel door het Landelijk Bureau Bibob op grond van artikel 12 lid 4 Wet Bibob, volledig en bestuur naar waarheid te beantwoorden, of
de uitkomst van het Bibob-onderzoek dan wel het advies van het Landelijk Bureau Bibob negatief is.
Het door de beoogde verkrijger voorgenomen gebruik van de Onroerende zaak niet past binnen het alsdan vigerende bestemmingsplan of omgevingsplan;
Ten aanzien van de Onroerende zaak nog niet (volledig) is voldaan aan de bebouwingsverplichting op grond van de Bijzondere- en Algemene erfpachtvoorwaarden;
Het College van B&W zwaarwegende en redelijke gronden heeft om zijn toestemming te onthouden, bijvoorbeeld indien in redelijkheid mag worden getwijfeld dat de verkrijger de verplichtingen en verboden uit de Bijzondere – en Algemene erfpachtvoorwaarden zal naleven.
Als het College van B&W zijn toestemming weigert zal hij dit schriftelijk en gemotiveerd aan Erfpachter kenbaar maken. Het voorgaande geldt op overeenkomstige wijze ingeval van de inbreng/overdracht van de Erfpacht in/aan een rechtspersoon en van de toedeling van de Erfpacht, ingeval meerdere rechthebbenden op de Erfpacht daartoe besluiten. Deze bepaling staat aan een eventuele executie van de Erfpacht door schuldeisers van Erfpachter niet in de weg.
**b..** Aan de schriftelijke toestemming als bedoeld in lid a. van dit artikel mag het College van B&W voorwaarden verbinden, zoals bijvoorbeeld de voorwaarde dat in de akte van levering of vestiging van een beperkt recht alsnog de bebouwingsverplichting overeenkomstig artikel 2.7 van de Algemene erfpachtvoorwaarden wordt opgenomen, met dien verstande dat geen voorwaarden verbonden mogen worden die leiden tot een verzwaring van de financiële lasten voor de opvolgend verkrijger met betrekking tot de Erfpacht in vergelijking tot de Erfpachter
**c..** Erfpachter is verplicht in geval van gehele of gedeeltelijke overdracht van de Erfpacht, alsmede in geval van vestiging van een recht van ondererfpacht of van een beperkt recht waardoor het gebruik van de Onroerende zaak aan derden wordt overgedragen, in de daartoe op te maken notariële akte alle voorwaarden op te nemen, waaronder de Erfpacht is gevestigd, één en ander overeenkomstig de inhoud van de Notariële akte, dan wel naar die voorwaarden te verwijzen.
**d..** Erfpachter is verplicht om van de overdracht van de Erfpacht, dan wel de vestiging van enig recht als bedoeld in het vorige artikellid uiterlijk op de dag, voorafgaande aan het passeren van de daartoe vereiste notariële akte schriftelijk aan het College van B&W melding te doen. Erfpachter is voorts gehouden om op overeenkomstige wijze aan het College van B&W mededeling te doen van de inbreng/overdracht van de Erfpacht in/aan een rechtspersoon en van de toedeling van de Erfpacht, ingeval meerdere rechthebbenden op de Erfpacht daartoe besluiten.
**e..** De notaris, voor wie de notariële akte ter zake de overdracht van de Erfpacht, dan wel de vestiging van onderpacht of een beperkt recht is verleden, zal binnen één maand na het verlijden van de notariële akte een afschrift van de notariële akte aan het College van B&W doen toekomen. De daaraan verbonden kosten zijn voor rekening van Erfpachter.
**f..** In geval van vervreemding van de Erfpacht blijft Erfpachter met de verkrijgende erfpachter hoofdelijk aansprakelijk voor de tijdige voldoening van de nog niet betaalde Canon, voor zover die gedurende een periode van 5 jaar, voorafgaande aan de vervreemding, opeisbaar is geworden.
Hoofdstuk 1
Artikel 1.17
Overdracht Erfpacht, vestiging ondererfpacht
Onderdeel van Algemene erfpachtvoorwaarden 2021 van de Gemeente Enschede