De gemeenten willen hun huidige beleid handhaven, waarbij de bodemkwaliteitsklasse niet wordt gebaseerd op het gemiddelde, maar op de 80-percentielwaarden van de bodemkwaliteitszone (zie bijlage 4, kolom '80P') en getoetst aan de toetsingswaarden uit de Regeling én de voorlopige toepassingswaarden die zijn benoemd in het ‘tijdelijke handelingskader hergebruik van PFAS-houdende grond en baggerspecie’. De PFAS-verbindingen zijn voor alle bodemkwaliteitszones getoetst aan de 80-percentielwaarden. In de gemeenten is geen clustering van hogere gehalten aan PFAS-gehalten aangetoond. Uitzondering hierop is de bodemkwaliteitszone ‘Gebieden met diffuus verhoogde gehalten aan bestrijdingsmiddelen (bodemlaag 0-0,5 m-mv)’. Vanwege de statistische ‘scheve’ verdeling (zie figuur 3.1), waarbij het gemiddelde (Gem.) hoger is dan de 80-percentielwaarde (80P), is in overleg met de Werkgroep regio Achterhoek besloten deze bodemkwaliteitszone te karakteriseren op basis van de gemiddelde gehalten.
Figuur 3.1. Scheve verdeling waarbij met gemiddelde van een dataset met gegevens hoger is den de 80-percentielwaarde
De bodemkwaliteitszones kunnen vallen in de bodemkwaliteitsklasse Landbouw/natuur (Achtergrondwaarden, AW2000), Wonen of Industrie. De toetsingsmethodiek voor het bepalen van de bodemkwaliteitsklasse is opgenomen in bijlage 1 onder het kopje ‘Bodemkwaliteitsklasse’. De toetsingsmethodiek voor het bepalen van de kwaliteitsklasse ‘Wonen’ is voor de bodemkwaliteitsklasse minder streng dan de toetsingsmethodiek voor het bepalen van de ontgravingsklasse (zie ook § 3.10.3 en bijlage 1 onder het kopje ‘Ontgravingskaart’). Met de minder strenge toets wordt voorkomen dat de bodemkwaliteit van een gebied op basis van één stof wordt ingedeeld in de bodemkwaliteitsklasse ‘Industrie’. Dit zou in de praktijk de ongewenste situatie kunnen opleveren dat ook voor alle overige stoffen minder strenge regels gelden en de concentraties kunnen toenemen tot de maximale waarden voor de functie Industrie. Hierdoor verslechtert de kwaliteit van het gebied. Dit kan zich met name voordoen bij licht verontreinigde industriegebieden. Deze situatie doet voor in de volgende bodemkwaliteitszones:
Bovengrond (0-0,5 m-mv)
- - Lochem: Wonen 1900-1945.
- - Zutphen: Wonen voor 1945 (overig gebied).
- - Zutphen: Industrie voor 1945.
Ondergrond (0,5-2,0 m-mv)
- - Zutphen: Wonen voor 1900.
- - Zutphen: Industrie voor 1945 (overig gebied).
In tabel 3.4 is aangegeven in welke bodemkwaliteitsklasse iedere bodemkwaliteitszone valt. In bijlage 4 zijn de gespecificeerde beoordelingen weergegeven. De bodemkwaliteitsklasse wordt samen met de bodemfunctieklasse gebruikt voor het bepalen van de toepassingseis (zie § 3.10.4). Op basis van bekende PFAS-gegevens in de gemeenten nemen de gehalten aan PFAS-verbindingen af in de diepere bodemlagen. Gezien dit gegeven is het de verwachting dat de ongeroerde bodemlaag dieper dan 1,0 meter niet verdacht is voor verhoogde gehalten aan PFAS-verbindingen.
Controle saneringscriterium
In de Richtlijn bodemkwaliteitskaarten staat vermeld, dat voor elke bodemkwaliteitszone met een 95-percentielwaarde boven de interventiewaarde uit de Wet bodembescherming een controle op het saneringscriterium nodig is. Bij een overschrijding is het niet verantwoord om zonder partijkeuring grondverzet vanuit de betreffende zone te laten plaatsvinden. Deze situatie komt voor bij de bodemkwaliteitszone van de ondergrond “Zutphen: Industrie na 1970” voor arseen (zie tabel 3.3). De sterk verhoogde arseengehalten hebben een natuurlijke oorzaak. In de nota bodembeheer wordt nader ingegaan op het hergebruik van nature arseenhoudende grond. Om deze reden is geen controle op het saneringscriterium uitgevoerd.
Voor PFAS-verbindingen zijn er geen interventiewaarden beschikbaar maar er zijn Indicatieve Niveaus voor Ernstige Verontreiniging (INEV’s) voor PFOS, PFOA en GenX 10INEV’s: PFOS: 110 µg/kg ds; PFOA: 1.100 µg/kg ds; GenX: 97 µg/kg ds.[13] vastgesteld. De 95-percentielwaarden liggen zeer ruim onder de INEV’s (factor 136 tot 2.075). Ook zijn de 95-percentielwaarden van de PFAS-verbinding nagenoeg gelijk of liggen ruim onder de toepassingswaarden voor de bodemfuncties Wonen en Industrie (factor 3,7 tot 13,2).
Tabel 3.3 Bodemkwaliteitszones waar de 95-percentielwaarde de interventiewaarde overschrijdt.
Bodemkwaliteitszone
Stof
95-percentielwaarde*
(in mg/kg ds op basis van gemeten waarden)
[gestandaardiseerde waarde]
Interventiewaarde Wbb*
(in mg/kg ds op basis van gemiddelde lutum en organisch stof percentage **)
[gestandaardiseerde waarde]
Ondergrond (dieptetraject 0,5-2,0 m-mv)
Zutphen: Industrie na 1970
Arseen
72 [114]
48,4 [76]
- - De in deze tabel weergegeven gemeten waarden zijn niet de in bijlage 4 gepresenteerde ‘waarden voor standaardbodem’, maar vanwege het gebruik van het rekenprogramma Sanscrit de ‘gemeten waarden’.
- - Het gemiddelde lutum- en organisch stofpercentage is per bodemkwaliteitszone weergegeven in bijlage 4.
Heterogeniteit
Naast de percentielwaarden en variatiecoëfficiënt is ook de heterogeniteit van de meetgegevens berekend, volgens de methodiek zoals beschreven onder het kopje ‘Heterogeniteit’ in bijlage 1. In 16 van de 29 de bodemkwaliteitszones is sprake van sterke heterogeniteit voor één of meerdere stoffen (zie tabel 3.4). Een overzicht van de heterogeniteitsindex per stof en per bodemkwaliteitszone staat in bijlage 4 (kolom 'Heterogeniteit').
Wanneer de diffuse bodemkwaliteit in een bodemkwaliteitszone sterk heterogeen is verdeeld, is de betrouwbaarheid van de verwachte kwaliteit in de zone kleiner. Doordat de gemeenten de bodemkwaliteitszones hebben gekarakteriseerd op hogere percentielwaarden dan het gemiddelde, wordt meer betrouwbaarheid verkregen bij de te verwachten bodemkwaliteit. Daarnaast bevatten de betreffende stoffen in de bodemkwaliteitszones ruim voldoende meetgegevens om de kwaliteitsklasse goed te beschrijven.
Tabel 3.4 Bodemkwaliteitsklasse en heterogeniteit per bodemkwaliteitszone en bodemlaag
Bodemkwaliteitszone
Bodemkwaliteitsklasse
(op basis van de
80-percentielwaarden)
Kwaliteitsklasse bepalende stof
Sterke heterogeniteit [aantal meetgegevens]
Bovengrond (dieptetraject 0-0,5 m-mv) #
Wonen voor 1970
(8 gemeenten*)
Wonen
Kwik, lood, zink, PCB, PAK
-
Overig (8 gemeenten*)
Landbouw/natuur
-
-
Lochem: Wonen 1900-1945
Wonen
Kwik, lood, zink, PAK
Lochem: Overig wonen
Wonen
Kwik, lood, PAK
-
Lochem: Industrie
Landbouw/natuur
-
Minerale olie [150]
Lochem: Buitengebied
Landbouw/natuur
-
-
Bovengrond (dieptetraject 0-0,5 m-mv) #
Zutphen: Wonen voor 1945
Wonen
Koper, kwik, lood, zink, PCB, PAK
Lood [199], Zink [203], Minerale olie [210]
Bovengrond (dieptetraject 0-0,5 m-mv) #
Zutphen: Wonen vanaf 1945
Wonen
Kwik, lood, zink, PCB, PAK
-
Zutphen: Industrie voor 1945 (plangebied Noorderhaven-Spoorzone)
Landbouw/natuur $
-
-
Zutphen: Industrie voor 1945 (overig gebied)
Wonen
Kwik, lood, zink, PCB, PAK
Zink [69], Minerale olie [74]
Zutphen: Industrie vanaf 1945 (stortplaats Fort de Pol)
Industrie $$
Divers
Niet bekend
Zutphen: Industrie vanaf 1945 (overig gebied)
Landbouw/natuur
-
Minerale olie [241]
Zutphen: Buitengebied
Landbouw/natuur
-
-
Gebieden met diffuus verhoogde gehalten aan bestrijdingsmiddelen (bodemlaag 0-0,5 m-mv)**
Industrie
α-HCH, α-Endosulfan
-
Tussenlaag (dieptetraject 0,5-1,0 m-mv) #
Wonen voor 1970
(8 gemeenten*)
Landbouw/natuur
-
-
Overig (8 gemeenten*)
Landbouw/natuur
-
-
Lochem: Ondergrond
Landbouw/natuur
-
-
Zutphen: Wonen voor 1900
Wonen
Kobalt, koper, Kwik, lood, zink, PCB, PAK
Zink [155]
Zutphen: Wonen 1900-1945
Wonen
Kobalt, kwik, lood, PCB
Minerale olie [65]
Zutphen: Industrie voor 1945 (plangebied Noorderhaven-Spoorzone)
Landbouw/natuur $
-
-
Zutphen: Industrie voor 1945 (overig gebied)
Wonen
Kobalt, kwik, lood, zink, PCB, PAK
Minerale olie [69]
Zutphen: Industrie 1945-1970 (stortplaats Fort de Pol)
Industrie $$
Divers
Niet bekend
Zutphen: Industrie 1945-1970 (overig gebied)
Wonen
Kobalt, zink, PCB
Nikkel [92], Minerale olie [107]
Zutphen: Industrie na 1970
Landbouw/natuur
-
Arseen [49]
Zutphen: Overig ondergrond
Landbouw/natuur
-
-
Bodemkwaliteitszone
Bodemkwaliteitsklasse
(op basis van de
80-percentielwaarden)
Kwaliteitsklasse bepalende stof
Sterke heterogeniteit [aantal meetgegevens]
Ondergrond (dieptetraject 1,0-2,0 m-mv) ##
Wonen voor 1970
(8 gemeenten*)
Landbouw/natuur
-
-
Overig (8 gemeenten*)
Landbouw/natuur
-
-
Lochem: Ondergrond
Landbouw/natuur
-
-
Zutphen: Wonen voor 1900
Wonen
Kobalt, koper, Kwik, lood, zink, PCB, PAK
Zink [155]
Zutphen: Wonen 1900-1945
Wonen
Kobalt, kwik, lood, PCB
Minerale olie [65]
Zutphen: Industrie voor 1945 (plangebied Noorderhaven-Spoorzone)
Landbouw/natuur $
-
-
Zutphen: Industrie voor 1945 (overig gebied)
Wonen
Kobalt, kwik, lood, zink, PCB, PAK
Minerale olie [69]
Zutphen: Industrie 1945-1970 (stortplaats Fort de Pol)
Industrie $$
Divers
Niet bekend
Zutphen: Industrie 1945-1970 (overig gebied)
Wonen
Kobalt, zink, PCB
Nikkel [92], Minerale olie [107]
Zutphen: Industrie na 1970
Landbouw/natuur
-
Arseen [49]
Zutphen: Overig ondergrond
Landbouw/natuur
-
-
- - De gemeenten Aalten, Berkelland, Bronckhorst, Doetinchem, Montferland, Oost Gelre, Oude IJsselstreek en Winterswijk.
- - Voor de ligging van de percelen met diffuus verhoogde gehalten aan bestrijdingsmiddelen (bijvoorbeeld boomgaard- en fruitteeltpercelen in de periode 1945-2000[11]) wordt verwezen naar de website www.topotijdreis.nl.
- - De 80-percentielwaarden van de PFAS-verbindingen zijn lager dan de voorlopige landelijke achtergrondwaarden vastgesteld, maar voor een aantal PFAS-verbindingen liggen deze boven de bepalingsgrens.
- - De niet geroerde ondergrond (traject 1,0-2,0 m-mv) is niet verdacht voor PFAS-verbindingen en daarom niet onderzocht op deze stofgroep.
- - Kwaliteitsklasse is gebaseerd op het in 2017 vastgestelde gebiedsspecifieke beleid[1] en de grootschalige herontwikkelingen met de bijbehorende ingrepen in dit gebied de afgelopen jaren.
- - Kwaliteitsklasse is gebaseerd op de aangebrachte leeflaag om de saneringsdoelstelling voor stortplaats De Pol te behalen[1].