Naar hoofdinhoud

Artikel 3.

Vereisten participatieplan initiatiefnemer

Onderdeel van Participatiekader Duurzame Energie, Buren, mei 2021

In het kort De gemeente Buren vraagt van een initiatiefnemer die grootschalig duurzame energie wil gaan opwekken om een participatieplan te maken. De initiatiefnemer betrekt omwonenden en belanghebbenden bij het opstellen van dat plan. Dat doet de initiatiefnemer voordat een vergunning wordt aangevraagd en een ruimtelijke procedure start. Aan de inhoud van het participatieplan verbindt Buren een aantal voorwaarden. Die staan op de volgende pagina, de Burense ‘Gedragscode-plus’ voor participatie. Deze gaat verder dan landelijke gedragscodes voor participatieplannen. Het college beoordeelt of het participatieplan voldoet aan deze voorwaarden. Naleven landelijke gedragscodes Het opstellen van een participatieplan voor duurzame energieprojecten is geen wettelijke eis. Omdat dit participatiekader door de gemeenteraad wordt vastgesteld, is het een belangrijk uitgangspunt voor de gemeente op basis waarvan besloten wordt om medewerking aan een initiatief te verlenen. Een participatieplan is bovendien – vooruitlopend op het van kracht worden van de Omgevingswet – te beschouwen als een uitwerking van een verplichte ‘omgevingsdialoog’ zoals genoemd in hoofdstuk 2. Een participatieplan opstellen betekent in die zin geen extra werk, het geeft invulling aan de omgevingsdialoog die de Omgevingswet vraagt. Leden van NWEA (Nederlandse Wind Energie Associatie) hebben zich gecommitteerd aan het opstellen van een participatieplan. Specifiek voor de initiatiefnemer geldt dat die zich houdt aan de landelijke gedragscodes voor wind en zon, zoals opgesteld door NWEA en Holland Solar. Beide worden onderschreven door onder meer de vereniging van omwonenden van energieprojecten NLVOW, Energie Samen en milieuorganisaties Greenpeace, Milieudefensie, Natuur & Milieu, de Natuur en Milieufederaties, Natuurmonumenten en de Vogelbescherming. Een initiatiefnemer die een grootschalig duurzaam energieproject in Buren wil realiseren, dient een participatieplan op te stellen en uit te voeren. Samengevat staat in bovengenoemde landelijke gedragscodes voor wind (NWEA) en zon (Holland Solar) het volgende (eerste kolom). Dit is de basis waar projecten aan moeten voldoen in Buren. De gemeente gaat er vanuit dat initiatiefnemers deze onderschrijven, maar vraagt nog iets meer. De aangescherpte voorwaarden die de gemeente hanteert staan in de tweede kolom. We noemen dit ‘gedragscode-plus’. Voor zonneparken kleiner dan 10 hectare en groter dan 15 kilowatt (circa 50 panelen) kan het college besluiten dat het voldoen aan de landelijke ‘Gedragscode Zon op Land’ volstaat of aanvullende voorwaarden stellen. Regels voor zonprojecten kleiner dan 15 kilowatt, kleine windturbines en innovatieve technieken worden nog uitgewerkt in aparte beleidsregels. De voorwaarden die op de volgende pagina staan, gelden voor een initiatiefnemer, maar zullen ook gebruikt worden indien er een keuze gemaakt moet worden uit meerdere initiatiefnemers. In een tender of aanbesteding zal de manier waarop een initiatiefnemer participatie invult, een rol spelen als selectiecriterium: hoe beter de participatie is ingevuld, hoe meer kans een initiatiefnemer heeft om een aanbesteding te winnen. Gedragscode NWEA ‘Wind’ ‘Gedragscode-plus’ gemeente Buren 1. Bepaal ‘ruimte’ voor participatie. a. Een omgevingsdiagnose, participatieplan en ‘omgevingsdialoog’ zijn verplicht. Afspraken over het participatieplan worden vastgelegd in een anterieure overeenkomst. 2. Onderzoek gebied en stakeholders. b. Initiatiefnemer voert een omgevings-diagnose uit met oog voor stakeholders, eerdere besluitvorming, gebiedshistorie e.a. en doet gedetailleerd verslag van mate van draagvlak voor het initiatief. 3. Onderken dat de verantwoordelijkheid richting ontwikkelaar verschuift. c. Initiatiefnemer beschrijft in overleg met de gemeente de rollen van initiatiefnemer, partijen uit de samenleving, college, raad en toetsingsmomenten en legt deze vast in het participatieplan. 4. Kies participatie-instrumenten waar stakeholders behoefte aan hebben. d. Initiatiefnemer reserveert voldoende budget voor onafhankelijke voorzitter en in te stellen gebiedsraad omwonenden. Gemeente ondersteunt met communicatie. 5. ‘Heb oog voor de businesscase’. e. Initiatiefnemer reserveert budget voor vergoedingen en projectparticipatie en beschrijft dit in het participatieplan. 6. Financiële participatie is geen verplichting, 0,50 euro per opgewekte MWh voor fonds. f. Storting van 1 euro per opgewekte MWh in Omgevingsfonds duurzame energie Buren. 7. Participatieplan is niet verplicht en is juridisch niet bindend. g. Participatieplan is verplicht en selectiecriterium ingeval van tender. 8. Zonnevelden leiden tot verbetering landschappelijke en natuurwaarden. h. Duurzame energieprojecten voldoen aan ruimtelijke inpassingskader Buren en leiden tot significante toename van de biodiversiteit. Afdwingbaar of niet? Het bovenstaande geldt voor de initiatiefnemer. De vraag hoeveel beleidsruimte er is om te besluiten of (voldoende) procesparticipatie heeft plaatsgevonden is nog niet exact door de rechter in jurisprudentie bepaald. Planologische medewerking kan waarschijnlijk niet worden geweigerd enkel en alleen omdat er bijvoorbeeld geen sprake van 50% lokaal eigendom is. Als het participatiebeleid is vastgesteld, dan is dat wel een goede basis om dit soort eisen te stellen aan een initiatiefnemer.

Rechtspraak bij dit artikel