Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3.

Artikel 3.1

Ruimtelijk beleid op provinciaal niveau

Onderdeel van Geurgebiedsvisie Lopik

3.1.1 Streekplan Utrecht 2005-2015 In het Streekplan (Provincie Utrecht, 2004) wordt op hoofdlijnen het provinciale beleid voor ruimtelijke ontwikkelingen uiteen gezet. Hierbij is gebruik gemaakt van de lagenbenadering. De provincie geeft voor de bovenste laag (3e laag), de gebruikslaag, in hoofdstuk 7 voor het landelijk gebied aan dat, gelet op de sterk verstedelijkte provincie, dit in hoofdzaak bestemd moet blijven voor landbouw, natuur en recreatie. De landschappelijke variatie binnen de provincie Utrecht is kenmerkend en daarmee ook meteen haar kernkwaliteit. Het contrast tussen stad en land moet als tegenpool gehandhaafd blijven. De land- en tuinbouw met hun 69.000 hectare zijn in de provincie Utrecht de grootste grondbezitters en dit zal niet snel veranderen, ook al neemt gestaag het aantal agrarische ondernemers af. Het landelijk gebied is opgedeeld in vier subgebieden, waarvan Lopik hoofdzakelijk is aangemerkt als gebied 2 met de hoofdfunctie agrarisch (zie figuur 2). Daarnaast is een groot gedeelte tussen Polsbroek en Benschop als veenweidegebied aangemerkt. Gebied 2 heeft de accenten landbouw, natuur, recreatie en water en milieu. Het beleid is er op gericht om grondgebonden landbouw te laten ontwikkelen, intensieve veehouderij toe te staan waar het milieukundig kan en het versterken van kleinschalig recreatief medegebruik. Gemeente Lopik is binnen het Streekplan ingedeeld bij Utrecht west en aangemerkt als kerngebied voor de landbouw (hoofdstuk 12). De Lopikerwaard dankt zijn karakteristieke openheid aan de melkveehouderij. De bebouwingslinten, copeverkavelingen, achterkaden, weteringen en vlieten zorgen voor de zeer kenmerkende cultuurhistorische identiteit. De woningvoorraad van gemeente Lopik was begin 2005 volgens het streekplan 5.010 woningen en voor het woningbouwprogramma tot 2015 zijn 300 woningen voorzien. Naast inbreidingslocaties en bestaande ontwikkelingen zijn hiervoor als fysieke uitbreidingslocaties ten oosten van Benschop 40 woningen voorzien en ten oosten van Lopik 80 woningen. Hiervoor zijn in figuur 2 de rode contouren open gelaten. Het streekplan heeft de bebouwde kommen (bebouwingsconcentraties met stedelijke functies van tenminste 5 hectare) met deze contouren begrensd. Figuur 2: uitsnede Streekplankaart (Provincie Utrecht, 2004) Om de kwaliteit van dit cultuurlandschap te behouden kan de landbouw extra inkomsten genereren uit zogenaamde groene diensten. Hierbij valt onder meer te denken aan productverkoop aan huis, kamperen bij de boer, kleinschalige verblijfsrecreatie, kleinschalige horeca en zorglandbouw, maar ook natuur- en landschapsbeheer. Om voor de landbouw een planologische duidelijkheid te geven is de provincie verdeeld in drie gebieden (zie figuur 3). Deze themakaart voor de land- en tuinbouw deelt vrijwel het gehele buitengebied van Lopik in als Landbouwkerngebied. Landbouwkerngebieden zijn de gebieden waar, binnen (milieukundige) randvoorwaarden, schaalvergroting en specialisatie kansen hebben. De productieomstandigheden zijn hier zodanig dat er voor zowel de grondgebonden als de niet-grondgebonden land- en tuinbouw goede kansen zijn voor een duurzame ontwikkeling. Veelal hebben deze gebieden ook een rol bij het behoud van het bestaande karakteristieke landschap. Het zijn sterke landbouwgebieden waar ontwikkelmogelijkheden centraal staan. De provincie staat zeer terughoudend tegenover nieuwvestiging van land- en tuinbouwbedrijven en werken hier alleen aan mee bij een duidelijk aantoonbare meerwaarde (bijvoorbeeld bedrijfsverplaatsing van een bedrijf nabij een kwetsbaar gebied). Voor wat betreft de intensieve veehouderij ligt het zwaartepunt in de Gelderse Vallei, waarvoor ook een reconstructieplan is opgesteld. Voor Lopik is de intensieve veehouderij vaak een neventak om een rendabel bedrijf te verkrijgen. Het Streekplan geeft voor het buitengebied van Lopik aan dat omschakeling naar een in hoofdzaak niet-grondgebonden agrarisch bedrijf aanvaardbaar is, mits dit niet ten kosten gaat van kenmerkende openheid. Foto 8: intensief pluimveebedrijf aan de Lopikerweg west Figuur 3: uitsnede Streekplanthemakaart (Provincie Utrecht, 2004)

Rechtspraak bij dit artikel