Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4.

Artikel 4.5

Grenzen aan toetsing van de kwaliteit van Pgb-zorg

Onderdeel van Pgb-beleidsregels Jeugdhulp en Wmo 2022

Vanuit jurisprudentie is duidelijk dat de kwaliteitstoetsing op Pgb-zorg grenzen kent. Bekwaamheid van de cliënt Toetsing op de Pgb-bekwaamheid van een cliënt is toegestaan zolang het Pgb wordt aangeboden als een optie voor cliënten die wel bekwaam zijn of cliënten die onder bewind van een bekwaam persoon staan. Uitsluiten van bepaalde maatwerkvoorzieningen Het is niet toegestaan om bepaalde vormen van maatwerkvoorzieningen uit te sluiten van financiering met een Pgb. Het is echter een feit dat we in onze gemeente er de voorkeur aan geven om voor bepaalde Wmo- en Jeugdhulpvoorzieningen geen Pgb te verstrekken (zie 2.1.). Dit heeft ermee te maken dat sommige voorzieningen bedoeld zijn voor zeer kwetsbare cliënten (bij voorbeeld bemoeizorg). De verwachting is dan gerechtvaardigd dat de Pgb-bekwaamheid bij deze cliënten beperkt zal zijn. Maatwerk blijft echter nodig. Ingrijpen bij vermoeden van gebrek aan kwaliteit De gemeente is niet bevoegd om direct in te grijpen als de kwaliteit van de Pgb-aanbieder in het geding is. Dit is alleen toegestaan ‘indien sprake is van een onhoudbare situatie, waarin cliënten onmiddellijk en groot gevaar lopen en de veiligheid van cliënten niet op een minder vergaande wijze gewaarborgd kan worden’. De VNG stelt hiervoor in een handreiking te volgende stappen voor: Bij vermoeden van gebrek aan kwaliteit neemt de gemeente contact op met de aanbieder. De aanbieder wordt verzocht om een verbeterplan op te stellen. Na implementatie van het verbeterplan vind na een bepaalde periode opnieuw controle plaats waarbij vervolgens wel/niet een sanctie kan volgen. Bestedingsvrijheid: jurisprudentie Een uitspraak van de rechtbank luidt dat de pgb-houder vrij is het pgb te besteden tot het maximale door het college vastgestelde bedrag, zolang het beoogde resultaat kan worden behaald. Dus: De pgb-houder mag kiezen voor een zorgaanbieder met een hoger uurtarief en minder uren ondersteuning dan door het college is bepaald in de beschikking. De pgb-houder is niet verplicht het door het college bepaalde aantal uren ondersteuning in te kopen en de meerdere kosten zelf te betalen. Aan de ene kant wordt met deze uitspraak aangesloten bij de beoogde vrijheid die een Pgb-houder heeft om het Pgb naar eigen inzicht en behoefte in te zetten. Aan de andere kant gaat het om de relatie tussen de omvang van de ondersteuning en het beoogde resultaat daarvan. Een vermindering van de omvang van de inzet van de ondersteuning kan het beoogde resultaat negatief beïnvloeden. Bij de beoordeling van de individuele situatie van de pgb-houder zal de gemeente dit aspect moeten betrekken. Deze uitspraak geeft aan dat individueel maatwerk ook in het pgb-beleid centraal staat.

Rechtspraak bij dit artikel