Sloop
Voor de eerste 850m2 te slopen landschapontsierende bebouwing wordt 1 compensatiewoning van 750m3 en een bijgebouw van 100m2 toegekend, bij elke extra 1100m2 te slopen landschapontsierende bebouwing wordt elke volgende compensatiewoning van 750m3 en bijgebouw van 100m2 toegekend.
Het moet gaan om legale (vergunde) landschapontsierende voormalige agrarische bedrijfsgebouwen die zijn gelegen in het buitengebied van de gemeente Losser;
Het mag niet gaan om monumentale, karakteristieke of cultuurhistorisch waardevolle bebouwing;
Overige voorzieningen (sleufsilo’s, mestbassins, kelders) tellen niet mee en kunnen niet worden ingezet in deze regeling.
Alle aanwezige landschapsontsierende bebouwing, inclusief erfverhardingen, mestplaten en sleufsilo’s moeten worden gesloopt, met uitzondering van:
de voormalige bedrijfswoning en de bij recht toegestane oppervlakte aan bijgebouwen bij de woning;
karakteristieke, monumentale en cultuurhistorisch waardevolle bebouwing;
uitzonderingssituaties, waarbij aantoonbaar sprake moeten zijn van een verbetering van de ruimtelijke kwaliteit;
Inzet van sloopmeters door toepassing van sloopregistratiesysteem is toegestaan, waarbij onverkort de beleidsregels van sloopregistratie gelden;
Er mogen meerdere slooplocaties worden gecombineerd, met dien verstande dat de minimaal te slopen oppervlakte op één locatie 50m2 betreft;
De volledige sloopoppervlakte is afkomstig uit de gemeente Losser;
Eerdere verplichtingen tot sloop of erfinrichting kunnen niet in de regeling worden toegepast.
Bouwlocatie
De compensatiekavel is maximaal 1.000 m2 groot en wordt in beginsel op de slooplocatie of één van de slooplocaties gerealiseerd;
Slechts in uitzonderlijke situaties wordt afgeweken van het bepaalde onder a. Wanneer de slooplocatie(s) niet geschikt is/zijn als bouwlocatie vanuit het oogpunt van milieu-, ruimtelijke ordening- en/of overige wet- en regelgeving, kan de woning elders teruggebouwd worden. In dat geval dient de terugbouwlocatie aan te sluiten op bestaande bebouwing. Het kan dan bijvoorbeeld gaan om het bouwen in kernen, dorpsranden, buurtschappen, lintbebouwing (mits gelegen binnen de provinciale ‘stedelijke laag’) of een bestaand erfensemble/erfstructuur;
De compensatiewoning moet passend zijn binnen de op dat moment geldende gemeentelijke Woonvisie;
De compensatiewoning mag geen onevenredige aantasting van agrarische en/of andere belangen in de omgeving veroorzaken, zoals belemmering van de bedrijfsmatige activiteiten van een bedrijf in de omgeving;
De ontwikkeling op de bouwlocatie dient vergezeld te gaan van een erfinrichtingsplan;
De planologische bouwmogelijkheden op alle betrokken locaties worden aangepast aan de nieuwe situatie.
Hoofdstuk 2
Artikel 2.4
Rood voor rood
Onderdeel van Beleidsnotitie Buitengebied met ruimtelijke kwaliteit