Indien aan een overtreder een last onder dwangsom is opgelegd, dan is die last onder dwangsom doorgaans gebaseerd op (administratieve) controles, vergaring van informatie en/of beoordeling van belangen en omstandigheden. Na afloop van de geboden begunstigingstermijn dient het bevoegd gezag te controleren of de overtreder aan de lastgeving heeft voldaan. In beginsel dient het bevoegd gezag daarvoor opnieuw (administratieve) controles uit te voeren.
Enerzijds worden strenge eisen gesteld aan de feitenvaststelling en bewijsvergaring voorafgaand aan een invorderingstraject. Anderzijds is met de constatering dat sprake is van permanente bewoning al een deel van de bewijslast vergaard waarop kan worden voortgebouwd.
Indien de feiten en omstandigheden op het moment van de hercontrole niet (wezenlijk) zijn veranderd ten opzichte van de periode waarin het strijdig gebruik is geconstateerd, kan in beginsel kan worden geconcludeerd dat het strijdig gebruik voortduurt. Vanzelfsprekend ligt het op de weg van het bevoegd gezag om met bewijsmiddelen aan te tonen dat de feiten en omstandigheden niet (wezenlijk) zijn veranderd. Het kan zijn dat daarvoor opnieuw (administratief) onderzoek moet worden uitgevoerd. Het ligt vervolgens op de weg van de overtreder om dat (gemotiveerd) te weerleggen.
Betalingsregeling
Op verzoek van de overtreder kan een betalingsregeling worden getroffen over verbeurde dwangsommen.
Artikel 6.
Hercontrole, einde van de overtreding en invordering
Onderdeel van Beleidsregels onrechtmatige bewoning van recreatieverblijven Maasgouw 2021