Naar hoofdinhoud

Artikel 2.

Toepassing puntensysteem

Onderdeel van Beleidsregel Kleinschalig houden van dieren Noord-Beveland 2010

1.. is sprake van een inrichting voor zover het de omvang betreft waarbij sprake is van een bedrijfsmatigheid als van de afzonderlijke diersoorten meer dieren aanwezig zijn dan aangegeven in de tweede en derde kolom van de tabel en het aantal van 50 punten voor de categorieën I en II in de tabel wordt overschreden of het aantal van 100 punten voor de categorieën III en IV in de tabel wordt overschreden. Tabel: Diersoort Maximaal aantal per soort Punten per dier Cat. I en II Cat. III en IV Melk- en zoogkoeien 2 4 10 Jongvee en vleeskalveren 5 10 5 Stieren 2 4 10 Paarden 5 10 10 Varkens 5 10 8 Schapen 10 20 2 Geiten 5 10 3 (Dam)herten/reeën 5 10 5 Eenden 10 20 2 Fazanten 10 20 1 Papegaaien/parkieten 10 20 3 Kalkoenen/ganzen/pauwen 5 10 3 Struisvogels 5 10 5 Duiven 20 40 1 Leg-/sierkippen 20 40 1 Konijnen (voedsters) 10 20 1 Pelsdieren 5 10 2 Katten 5 10 10 Honden 5 10 10

Rechtspraak bij dit artikel