De duurzaamheidsopgave is complex en veelomvattend. Focus en afbakening is noodzakelijk om datgene te doen wat binnen onze invloedsfeer ligt en aansluit bij de diverse transitiefases, zoals in hoofdstuk 1 beschreven. Om tot resultaten te komen hanteren we zes belangrijke uitgangspunten, die in dit hoofdstuk worden toegelicht. Ook benoemen we een aantal instrumenten dat we de komende jaren inzetten om onze ambities te behalen.
2.1 Uitgangspunten.
Als gemeentelijke organisatie het goede voorbeeld geven.
We zetten maximaal in op een energie neutrale, klimaat adaptieve en circulaire gemeentelijke organisatie. Dat gaat niet in één keer, maar stapsgewijs. Hiermee geven we het goede voorbeeld en zijn we een geloofwaardige samenwerkingspartner. Als we van anderen in de samenleving verlangen dat ze duurzaam gaan handelen, dan doen wij dat ook. Het begint bij onszelf. We zijn als organisatie al aan de slag met concrete duurzaamheidsmaatregelen en duurzaam beheer in de openbare ruimte, met maatschappelijk verantwoord inkopen (o.a. inclusiviteit), met verduurzaming van onze assets, zoals vastgoed en wagenpark en duurzame gebiedsontwikkeling. We hebben hierin ook nog veel te winnen. Door een interne transitie naar opgavegericht werken kunnen we nog beter integraal werken. Deze organisatieverandering is nu nog volop aan de gang. De sleutel tot succes zit in voldoende formatie, samenwerking en de juiste competenties van medewerkers. Denk daarbij aan het ontwikkelen van de juiste kennis, vaardigheden en gedrag.
Samenwerken met inwoners, bedrijven, belanghebbenden en de regio.
We werken van ‘buiten naar binnen’. We nodigen iedereen uit om ideeën en initiatieven te delen en met ons in gesprek te gaan. Kansrijke initiatieven helpen we graag realiseren. Belangrijk daarbij is dat deze bijdragen aan onze transitiedoelen en dat we goed afwegen waar we ons geld aan besteden (zie kader). De manier waarop we samenwerken is maatwerk en bij voorkeur gebiedsgericht. Per transitie en activiteit kan de wijze van samenwerking, participatie en de rol die de gemeente daarin neemt verschillen. In onze werkwijze volgen we de participatiestrategie die op dit moment voor de gemeente wordt opgesteld.
Hoe wegen we af waarin we geld investeren?
Daarnaast werken we in een aantal regionale verbanden samen aan regionale verduurzaming, denk onder meer aan de Regionale Energie Strategie (Holland Rijnland), circulaire economie (Groene Hart Werkt!), Regiodeal Bodemdaling Groene Hart (Alphen-Gouda-Woerden) en handhaving Omgekeerde bewijslast energiemaatregelen voor bedrijven (Midden-Holland). Ook kijken we bovenregionaal naar bijvoorbeeld restwarmte van industrie en locaties voor circulaire bedrijven in een hoge milieucategorie.
Zoveel mogelijk meekoppelkansen benutten.
De drie transities in dit programma staan niet los van elkaar. Een maatregel voor de opwek van hernieuwbare elektriciteit kan ook een positief effect hebben op klimaatadaptatie, de biodiversiteit en de circulaire economie. Door een integrale benadering bereiken we meer impact met dezelfde investering. Daarnaast willen we mee koppel kansen met andere beleidsvelden optimaal benutten. Denk hierbij bijvoorbeeld aan een positief effect op lokale werkgelegenheid, kansen voor nieuwe bedrijvigheid, woningbouw, verduurzaming van de landbouw, energiearmoede en gezondheid. Zo willen we bijvoorbeeld vergroening van het Stadshart realiseren op een manier die bijdraagt aan klimaatadaptatie, biodiversiteit, gezondheid én versterking van de lokale economie. Op deze manier kunnen we gebiedsgericht werken als vehikel inzetten om meerdere duurzame aspecten gelijktijdig te realiseren.
Hoe wegen we af waarin we geld investeren?
We willen duurzame initiatieven helpen realiseren. Niet alles kan! We kijken met gezond verstand naar de haalbaarheid van een initiatief, onder meer aan de hand van de volgende vragen:
Past het initiatief bij het transitiedoel?
Wat is het duurzaamheidseffect van de investering?
Is de businesscase positief?
Draagt het initiatief bij aan bewustwording van inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties?
Draagt het initiatief bij aan innovatie?
Draagt het initiatief bij aan de lokale economie en werkgelegenheid?
Is het initiatief opschaalbaar?
Is er urgentie en maatschappelijk draagvlak voor het initiatief?
Leidt de investering tot nieuwe investeringen en aanvullende cofinanciering?
Aansprekende voorbeelden van projecten zijn:
Voedselbos Benthuizen, Lokaal elektriciteitsnetwerk ITC Terrein, Pilotproject duurzame warmte Planetenbuurt en Postcoderoosproject Zon op Alphen
Door een integrale benadering
bereiken we meer impact
met dezelfde investering
Bij verduurzaming gaan de kosten
soms voor de baten uit, daarmee
investeren we in de toekomst
Communiceren gericht op bewustwording (en kennisontwikkeling) en ieders eigen mogelijkheden.
Om tot gedragsverandering te komen, om bewust te maken en om te inspireren is communicatie over duurzaamheid cruciaal. We willen inwoners en organisaties aanzetten om concreet en nu aan de slag te gaan met verduurzaming binnen de eigen woon- en werkomgeving, passend bij de financiële situatie. Het nemen van duurzaamheidsmaatregelen en verandering van gedrag kan complex zijn en vraagt toegankelijke en bruikbare informatie om de juiste keuzes te kunnen maken. We zetten verschillende instrumenten hiervoor in, zoals campagnes en projectgerichte communicatie. Ook richten we een duurzaamheidsplatform in. Dit is erop gericht om meer mensen te betrekken, initiatieven aan elkaar te verbinden en projecten te starten. Zo werken we aan kritische massa om de verschillende transities te versnellen.
Haalbaar en betaalbaar voor iedereen.
Hoewel geld niet de enige waarde is die telt bij verduurzaming, is het wel een belangrijk aspect. In de verduurzaming gaan de kosten vaak voor de baten uit. We zoeken naar externe financiering (subsidies, regiodeals) en passende (co-)financieringsconstructies om de transities aan te jagen en te versnellen. Door experimenten en innovaties te stimuleren, leren we wat wel en niet werkt. Soms investeren we in onrendabele zaken. Daarmee investeren we in de toekomst en dragen we bij aan innovatie.
Bij verduurzaming gaat het om het nemen van haalbare stappen op het juiste moment en dat hoeft niet allemaal in één keer. We zetten instrumenten zoals de duurzaamheidslening in om o.a. inwoners, verenigingen en scholen in staat te stellen om die haalbare stappen te zetten. Ook zoeken we naar aanvullende financiering voor de onrendabele top bij verduurzamingsprojecten in wijkaanpakken.
Daarnaast is klimaatrechtvaardigheid een belangrijk aandachtspunt. Mensen met lage inkomens zijn een relatief groot deel van hun gezinsinkomen kwijt aan gas en elektriciteit. We willen dat voor deze groep de energiekosten betaalbaar blijven. Daarvoor blijven we met de woningcorporaties samenwerken aan het verduurzamen van sociale huurwoningen. Daarnaast hebben we specifieke aandacht voor het lagere segment koop- en vrije sector huurwoningen.
De komende jaren gaan we binnen
onze duurzaamheidsopgave nog
meer informatie gestuurd werken
Bewustwording en richting bepalen door informatie gestuurd werken (monitoring).
In de komende jaren gaan we binnen onze duurzaamheidsopgave, net als op andere terreinen binnen de gemeentelijke organisatie, nog meer informatie gestuurd werken. We analyseren en combineren beschikbare data zodat we inzicht en kennis ontwikkelen. Daarmee krijgen we scherper zicht op concrete verduurzamingskansen, waar we effectief en in samenhang met andere projecten op in kunnen zetten. In ons uitvoeringsprogramma kunnen we dan gerichter prioriteiten stellen en tijdig bijsturen als dat nodig is. Denk hierbij bijvoorbeeld aan een gebiedsgerichte aanpak voor wateroverlast en hittestress. Door de gegevens van onder meer de klimaatatlas, stresstesten, meldingen van burgers en grondwatermetingen te combineren wordt inzichtelijk waar, wanneer en hoe we moeten handelen.
We maken hierbij ook gebruik van de indicatoren, die in het kader van duurzaamheid in de Omgevingsvisie (foto van de Leefomgeving) zijn opgenomen en van de gegevens van de Klimaatmonitor die ook voor de Regionale Energiestrategie Holland Rijnland worden gebruikt.
2.2 Instrumenten.
Vanuit bovenstaande uitgangspunten zetten we de komende jaren diverse instrumenten in. Veel van deze instrumenten zijn gericht op het faciliteren van initiatieven uit de samenleving en op samenwerking. De lijst van instrumenten is niet uitputtend. Hier kunnen nieuwe instrumenten aan toegevoegd worden om de ambities te behalen.
Communicatief.
•Regionaal Energieloket Bedrijven.
•Duurzaamheidsplatform.
•Duurzaamheidsconferentie.
•Kennis- en informatiecentrum Duurzaamheid.
•Netwerk- en themabijeenkomsten.
•Duurzaam Bouwloket.
•Wijkacties energiebesparing.
•Energiecoaches.
•Energiemaatjes.
•Digitale deelplatformen.
•Operatie Steenbreek.
•Consultaties/enquêtes.
•Nieuwsberichten (sociale media).
•Natuur- en milieueducatie.
•Eetbaar Alphen.
Financieel.
•Landelijk subsidies en leningen.
•Fiscale regels (o.a. BTW, EIA).
•Provinciale subsidies, duurzaamheid en bedrijventerreinen.
•Duurzaamheidslening gemeente (revolverend fonds).
•Stimuleringsleningen duurzaamheid (revolverend fonds).
•Co-financieringsconstructies.
•Subsidies gemeente, zoals bijvoorbeeld LEF, Klimaat adaptieve maatregelen.
•Crowdfunding opwekken duurzame energie.
Juridisch.
•Wet milieubeheer.
•(concept) Warmtewet.
•Omgevingswet.
•Omgevingsvisie en plan-MER.
•‘Regeling verlaagd tarief zonne-energie’ (Postcoderoos)- wijzigt per 1/4/21 in ‘coöperatieve energieopwekking’.
•Provinciale ruimtelijke verordening.
•Omgevingsplannen en bestemmingsplannen.
•Procedures ruimtelijke ontwikkelingen.
•Maatschappelijk verantwoord inkopen (MVI).
•Samenwerkingsovereenkomsten.
•Convenant Groene Hart Betonketen