Naar hoofdinhoud

Artikel 5

Circulaire economie

Onderdeel van Duurzaamheidsprogramma 2021-2030

We weten waar we richting 2050 naartoe willen koersen. Waar willen we staan in 2030? En wat willen we concreet bereiken in 2025? 5.1 Ambitie 2030. Voor transitie naar een volledig circulaire economie is een omslag nodig in de manier waarop we met grondstoffen en afval omgaan Hier ligt een grote opgave bij het bedrijfsleven. Als gemeente kunnen wij ontwikkeling naar een circulaire economie niet sturen, wel beïnvloeden Voor de transitie naar een volledig circulaire economie (CE) is een omslag nodig in de manier waarop we met grondstoffen en afval omgaan. De huidige economie is een lineaire economie, waarin grondstoffen na gebruik voor het grootste deel als afval worden verwerkt. Naast de verspilling van grondstoffen veroorzaakt deze werkwijze 45% van de totale CO2-uitstoot wereldwijd. In een CE zijn nauwelijks nieuwe grondstoffen nodig, want zij behouden langer hun waarde. Grondstoffen die toch nieuw gewonnen moeten worden, zijn duurzaam geproduceerd, herbruikbaar en algemeen beschikbaar. In een CE staat waarde creatie centraal. Aan elke grondstof wordt een waarde toegekend waardoor afval in feite niet meer bestaat. De transitie naar een CE staat nog aan het beginfase, de fase van opbouw met daarin de start van circulaire initiatieven en de ombouw van de bestaande lineaire economie. Hierin ligt een grote opgave bij het bedrijfsleven. Wij kunnen als gemeente de ontwikkeling naar een CE niet sturen maar wel beïnvloeden door het goede voorbeeld te geven en het scheppen van de juiste randvoorwaarden die circulair ondernemen mogelijk maken en stimuleren. De Rijksoverheid en de Provincie Zuid-Holland gaan de komende jaren fors investeren om de transitie naar een CE te versnellen. Zo heeft het Ministerie van IenW samen met MVO Nederland ‘Het Versnellingshuis Nederland circulair!’ opgestart om ondernemers te helpen de (volgende) stap in de CE te zetten. De Provincie heeft duurzame toekomstbestendige bedrijventerreinen als speerpunt in haar beleid, waar ruimte bieden voor circulaire activiteiten bij hoort. Deze programma’s bieden businesskansen voor onze lokale ondernemers, circulaire land- en tuinbouw en bedrijventerreinen. De afgelopen jaren hebben we in Alphen aan den Rijn al de eerste stappen gezet. We werken daarin nauw samen met ondernemers, onderwijsinstellingen en andere gemeenten in het platform Groene Hart Werkt! We doen dit door ondernemers te inspireren, te verbinden en circulaire initiatieven te versnellen. De landelijke en stedelijke kenmerken van onze gemeente en het Groene Hart bieden volop mogelijkheden voor het ontwikkelen van circulaire initiatieven. De gemeente speelt als opdrachtgever voor het verwerken van huishoudelijk afval een belangrijke rol in de omslag naar een CE. Ook binnen de gemeentelijke organisatie werken we toe naar een volledige circulaire bedrijfsvoering. We willen in 2050 dat de economie volledig circulair is. Op weg naar deze ambitie hebben we de volgende strategische doelen in 2030: Circulaire Economie, ambitie 2030. 1. Alle gemeentelijke projecten worden maatschappelijk verantwoord (waaronder circulair) aanbesteed. 2. Huishoudelijk afval wordt volledig hergebruikt als grondstof. 3. We gebruiken volgens de landelijke norm 50% minder primaire grondstoffen (mineraal, fossiel en metalen). 4. Circulaire concepten binnen sectoren, zoals landbouw, sierteelt, bouw en renovatie, maakindustrie en logistiek, hebben lokaal tot nieuwe circulaire economische kansen en samenwerking geleid. 5. Op 80% van de bedrijventerreinen werken bedrijven samen aan circulaire concepten. 5.2 Strategie en gewenste resultaten 2025. De omslag naar CE stimuleren we zowel vanuit onze economische opgave als vanuit onze duurzaamheidopgave. We hebben dezelfde doelen en werken integraal samen. We werken hierin nauw samen met het regionale platform Groene Hart Werkt!, Economic Development Board Alphen aan den Rijn (EDBA), Vereniging Ondernemingen Alphen aan den Rijn (VOA) en Greenport Boskoop. Een exacte knip tussen Economie en Duurzaamheid is niet te maken. In hoofdlijnen is de focus van deze programma’s als volgt: In de Economische Agenda en de Bedrijventerreinenstrategie die in de loop van 2021 worden opgeleverd ligt het accent op economische doorontwikkeling, dienstverlening aan ondernemers en het aanjagen van kansrijke sectoren. Het gaat dan om het ondersteunen van MKB bij de transitie naar CE door inspireren, kennisdeling, netwerken, experimenteerruimte, inrichten deelplatformen, lobby in regelgeving en ontsluiten van subsidies. Ook de verbinding met onderwijs, onderzoek- en kennisinstellingen is van belang om te versnellen en de arbeidsmarkt te laten aansluiten bij de nieuwe CE. Het verduurzamen van bedrijventerreinen ligt, als het gaat om de randvoorwaarden samenwerking en parkmanagement, bij de Economische Agenda. In dit Duurzaamheidsprogramma richten we ons vooral op het circulair maken van de bedrijfsvoering in onze eigen organisatie waaronder circulaire inkoop, circulaire gebiedsontwikkeling en circulaire inrichting van de openbare ruimte. Ook vallen bijvoorbeeld overkoepelende onderzoeken zoals een reststromen analyse, bedrijventerreinen doorlichten met de DPL-methodiek, het organiseren van repaircafé’s en het stimuleren van hergebruik bij inwoners onder de vlag van duurzaamheid. Circulaire bedrijfsvoering gemeente. Allereerst moeten we beginnen met het circulair maken van onze eigen bedrijfsvoering. Hier is onze invloed ook het grootst. Over de mooie circulaire voorbeelden die dit oplevert, communiceren we actief naar inwoners en bedrijven, ter inspiratie en voor bewustwording. Leidend hierin is het R-model voor circulariteit. We voorkomen verspilling door te overwegen of we iets echt nodig hebben, iets kunnen delen met anderen of minder kunnen gebruiken (Refuse, Rethink en Reduce). We hergebruiken producten (Reuse en Repare). En we verwerken producten tot nieuwe grondstoffen (Recycling). Als een product niet meer gebruikt kan worden proberen we hieruit zoveel mogelijk energie terug te winnen en de hoeveelheid afval te beperken (Recover). In onze bedrijfsvoering vraagt dit een wijziging van het inkoopproces en een andere kijk op kosten en baten, gebaseerd op de gehele levenscyclus van ingekochte producten en diensten. Het is van belang dat we daarbij ruimte geven aan circulaire experimenten en maatwerk. Onze speerpunten liggen bij circulair inkopen, grondstoffenbeheer en circulair bouwen en inrichten van de openbare ruimte. Maatschappelijk verantwoord inkopen (MVI). MVI is benoemd in ons Inkoop- en Aanbestedingsbeleid en is vastgelegd in het Actieplan MVI, in navolging van het ondertekende Manifest MVI. Traditioneel gaat inkopen om het behalen van de beste prijs-kwaliteit verhouding. Bij MVI wegen we sociale (inclusiviteit) en duurzame aspecten mee in het onderdeel ‘kwaliteit’. We kopen circulair in door het hele traject van productie tot afdanking mee te nemen in de uitvraag. Dit doen we door óf zelf hier keuzes in te maken óf door de markt te prikkelen of samen met hen naar oplossingen te zoeken. Circulair inkopen is niet zo eenvoudig als het lijkt. We onderzoeken daarom hoe we dit gefaseerd in kunnen voeren en starten bij productgroepen waar we snel resultaat kunnen boeken en de markt daarin voorziet. Denk daarbij bijvoorbeeld aan papier uit bermgras, biologisch gekweekte bomen en heesters en het eisen van een minimaal percentage hergebruikt beton in bestratingsmaterialen/bouwmaterialen (Netwerk Betonketen). Ook is het zaak dat we MVI en dus ook circulair inkopen meer ‘in de vezels’ van de organisatie krijgen door informatiebijeenkomsten en leerprojecten. In het verlengde van onze rol als opdrachtgever, kunnen we ook als launching partner (eerste opdrachtgever) optreden, zo mogelijk in samenwerking met andere overheden. Daarmee nemen we overigens niet de verantwoordelijkheid van de markt en bedrijven over. We willen op deze manier ontwikkeling en innovatie die bijdraagt aan verdere opschaling stimuleren. Grondstoffenbeheer. Wij zijn wettelijk verplicht het afval van burgers in te zamelen en te verwerken. De kosten van inzameling en verwerking van huishoudelijke afvalstomen worden via de afvalstoffenheffing doorbelast. Volgens het Grondstoffenbeleid 2015 – 2025 streven we naar een situatie waarin geen huishoudelijk afval meer aanwezig is, doordat dit 100% als grondstof wordt hergebruikt. Inwoners stimuleren we tot consumptievermindering, hergebruik en reparatie door bijvoorbeeld campagnes, repair cafés en kringloopwinkels. Ook stimuleren we hen zwerfafval te voorkomen en op te ruimen door inzet van ‘Schone Buurt Coaches’. Op het afval brengstation Ecopark Limes wordt het grof afval van inwoners gescheiden ingezameld. De huidige situatie is dat dit door afvalverwerkers wordt opgehaald. We willen veel meer van deze reststromen, bij voorkeur lokaal, circulair verwerken. We doen dit al met matrassen (Retour Matras). Stichting Kringloop Alphen aan den Rijn zorgt door verkoop van producten dat de levensduur hiervan wordt verlengd. Ons doel is om het afval brengstation en de kringloopwinkel op te waarderen tot een circulair ambachtscentrum, waarbij we kijken naar kansen voor lokale ondernemers, zodat zij hier actief in mee kunnen doen. Dit concrete voorbeeldproject draagt bij aan het stimuleren van circulair ondernemen in de hele gemeente. In onze eigen bedrijfsvoering ontstaan ook reststromen die we circulair willen verwerken. Denk daarbij aan hout, maaisel, groen, afval uit werken in de openbare ruimte. Zo doen we een pilotproject met hergebruik van blad als ‘bokashi’ (gefermenteerd blad) in de openbare ruimte. Circulair bouwen en inrichting openbare ruimte. Circulair bouwen is bij nieuwe vastgoed- en gebiedsontwikkeling zoveel mogelijk het uitgangspunt. Dit wordt vastgelegd in de te ontwikkelen routekaart voor ons eigen vastgoed, het Perspectief voor Landschap en Stad, de Omgevingsvisie en onze Alphense woonagenda. Bij nieuwbouw kan een spanningsveld ontstaan door de complexiteit van circulaire bouw en inrichting versus het belang van snelle woningbouwontwikkeling volgens bekende principes. Indien de Noordrand I ontwikkeling doorgaat willen we in de praktijk ervaring op doen met het bovengenoemde uitgangspunt. In het lokale marktplatform woningbouw bespreken we met marktpartijen onder meer hoe we circulair en modulair bouwen concreet kunnen toepassen, naast de stapeling van eisen zoals aandeel sociaal, levensloopgeschiktheid en energieneutraal. We stimuleren circulair inrichten en bouwen in de openbare ruimte door dit in de aanbesteding als voorwaarde mee te nemen. We hebben hiermee al de eerste zichtbare resultaten geboekt zoals een fietsbrug 3D-geprint van afval plastic, het toepassen van circulaire verkeersborden en circulair ophogingsmateriaal onder wegen, zoals schuimglas en bio-based materiaal. Ons doel is het afvalbrengstation en de kringloopwinkel op te waarderen tot een circulair ambachtscentrum Samenwerking en lobby met partners. Het stimuleren van de CE doen wij in samenwerking met lokale en regionale koplopers, partners en kennisorganisaties. Wij zien onze rol vooral in het bouwen van kennisnetwerken, organiseren van gezamenlijke lobby en ondersteunen bij subsidietrajecten. Om dit tot stand te brengen zien we accountmanagement gericht op circulair ondernemen als een belangrijk instrument. Als het gaat om regelgeving hebben we ook een controlerende taak die wordt uitgevoerd door de Omgevingsdienst Midden-Holland. Wij zetten gezamenlijk in op de onderstaande onderwerpen. Deze onderwerpen komen ook terug in de Economische agenda. Dit vanuit de ambitie om de concurrentiekracht van ons MKB te versterken door hen te ondersteunen bij de transitie naar circulair ondernemen. •Bewustwording vergroten/ communicatie. De eerste stap naar circulair ondernemen is bewustwording bij de ondernemer over de mogelijkheden. Ondernemers worden het meest geïnspireerd door andere ondernemers die al bezig zijn met een circulair businessmodel. Het is belangrijk dat wij deze ondernemers een (regionaal) podium geven bij bijeenkomsten en in kennisnetwerken en verbinden via een (online) duurzaamheidsplatform. •Organiseren ondersteuning bedrijven die aan slag willen en al zijn. Voor ondernemers die circulair aan de slag willen of al zijn organiseren we ondersteuning. Ondernemers (m.n. MKB-bedrijven) hebben vragen, variërend van strategisch tot praktisch, lopen tegen regelgeving aan, zoeken nieuwe ketenpartners en financieringsmogelijkheden. Belangrijk is om hen in deze fase op weg te helpen. Denk daarbij bijvoorbeeld aan een (regionaal) bedrijvenloket voor vragen. Ondernemers hebben vaak experimenteerlocaties nodig voor maken en testen van innovaties. Daarbij lopen zij soms tegen knellende regelgeving aan. We ondersteunen hierin door knellende wet- en regelgeving rondom CE op de juiste tafels te agenderen. •Ontwikkelen sterk lokaal netwerk Circulair ondernemen (triple helix).Circulair ondernemen zit nog in de fase van ontdekken, doen en leren! De triple helix van onderwijs, ondernemers en overheid is nodig om dit proces verder te brengen. Door samen te werken in een lokaal circulair netwerk kunnen de deelnemers elkaar op een laagdrempelige manier en ‘dichtbij huis’ inspireren, vragen stellen en verder helpen. Elkaar kennen en onderling vertrouwen is hierbij belangrijk. De CE vraagt ook om andere vaardigheden van werknemers. Het is daarom essentieel om de arbeidsmarkt hierop voor te bereiden in samenwerking met scholen en kennisinstellingen. Het betrekken van lokaal onderwijs in circulaire projecten leidt ook concreet tot MBO-stageplaatsen en een betere aansluiting van onderwijs op de arbeidsmarkt. •In kaart brengen van reststromen en circulaire kansen hiervoor. Bedrijventerreinen vormen een belangrijke bron van reststromen die momenteel nog niet hoogwaardig (her)gebruikt worden. Denk daarbij aan kantoorstromen (papier, plastic en hout) en specifieke bedrijfsstromen (bijv. elektronisch afval (e-waste), smeerolie, gft en textiel), alsook bedrijfsafvalwater en vrijkomend groenafval. Om in 2030 50% reductie van grondstoffen te bereiken is het belangrijk om de reststromen te identificeren, de koplopers te enthousiasmeren voor nieuwe toepassing en hergebruik. Voor het hoogwaardig verwerken van afval- en reststromen is volume nodig. Dit vraagt ook om het vergroten van samenwerking en de organisatiegraad op bedrijventerreinen, bijvoorbeeld in de vorm van parkmanagement, een bedrijvenvereniging of een BIZ-organisatie. Op 15 grote bedrijventerreinen in Midden-Holland wordt op dit moment onderzoek uitgevoerd door de Provincie Zuid-Holland, de Omgevingsdienst Midden-Holland en Groene Hart Werkt! Daarnaast loopt de pilot ‘Parksharing’, een online deelplatform voor bedrijven in Alphen aan den Rijn en de regio Groene Hart. •Organiseren experimenteer- en werkomgevingen. Om circulaire kansen te verzilveren is kennis nodig van nieuwe technologieën, nieuwe klanten en nieuwe markten. Dit vraagt ondernemerschap en innovatie. Essentieel daarin is een plaats waar bedrijven, onderwijs- en kennisinstellingen en (semi)overheid samen kunnen experimenteren. We initiëren daarom Living Labs, proeftuinen of Fieldlabs om te leren, te ontwikkelen, te testen en te valideren. Zo wordt de regionale en lokale CE versterkt, de aansluiting van onderwijs op de arbeidsmarkt verbeterd en profiteert het bedrijfsleven van nieuwe kennis en vaardigheden. Denk daarbij bijvoorbeeld aan fieldlabs rondom het thema ‘Toekomstbestendig wonen/duurzame leefomgeving’ of rondom ‘circulaire innovaties in de maakindustrie, landbouw of sierteelt’. De ruimtevraag vanuit (toekomstige) circulaire activiteiten is divers. Voor het ene bedrijf heeft een monofunctionele werklocatie (al dan niet met voldoende milieuruimte) de voorkeur, voor het andere bedrijf een informele, multifunctionele werklocatie. Hoe en waar we voor circulaire activiteiten (op termijn) een plek willen en kunnen bieden op onze bedrijventerreinen werken we verder uit in de bedrijventerreinenstrategie die in 2021 ook wordt voorgelegd aan de raad. Het stimuleren van circulaire economie doen wij in samenwerking met lokale en regionale koplopers, partners en kennisorganisaties Inzetten op kansrijke sectoren in Alphen aan de Rijn. In opdracht van EDBA is door Ecorys een onderzoek gedaan naar de kansen voor onze lokale economie waaronder het thema circulariteit. De conclusie uit dit onderzoek is dat er kansrijke toepassingen zijn voor circulaire landbouw, circulair bouwen en renoveren, circulaire sierteelt en de circulaire maakindustrie. Ook zijn er koppelkansen met andere opgaven zoals bodemdaling, gebiedsontwikkeling en doorontwikkeling sierteelt en landbouw. Samen met de EDBA en ondernemers worden de kansen verder uitgewerkt met voorstellen hoe de lokale economie en het lokale bedrijfsleven zoveel mogelijk kan profiteren van deze transitie naar circulaire economie. Informatie gestuurd werken in Circulaire Economie. Voor CE wordt op Europees, nationaal en provinciaal niveau nog gezocht naar indicatoren. We volgen deze ontwikkelingen en kijken wat voor onze gemeente passende indicatoren zijn. Op dit moment ligt onze focus op hoeveel gemeentelijke projecten circulair worden uitgevoerd en hoeveel bedrijven actief zijn met circulair ondernemen. Op bedrijventerreinen gebruiken we de Duurzaamheidsprestatie op Locatie DPL-methodiek om de duurzaamheidskansen in beeld te brengen en deze met ondernemers te bespreken. Daarnaast monitoren we de huishoudelijke afvalstromen. Gewenste resultaten in 2025. Voor de korte termijn willen we in 2025 samen met betrokken partners de volgende tussenresultaten bereiken: Circulair economie, gewenste resultaten 2025. 1. Bij alle gemeentelijke projecten is maatschappelijk verantwoord (waaronder circulair) inkopen het uitgangspunt. 2. 100% van de huishoudelijk afvalstoffen wordt hergebruikt als grondstof. 3. Het afval brengstation is doorontwikkeld tot een circulair ambachtscentrum. 4. 80% van onze inwoners en ondernemers zijn bekend met CE: geen verspilling, hergebruik en afval=grondstof. 5. Of en hoe de 50% reductie van primaire grondstoffen (mineraal, fossiel en metalen) lokaal bereikt kan worden is inzichtelijk en vastgelegd in een routekaart. 6.Voor drie reststromen van bedrijven is de nulsituatie en een prognose voor hergebruik in beeld gebracht. 7.10 innovatieve bedrijven zijn geholpen met circulaire projecten en businessmodellen. 8. Er is een actief lokaal circulair netwerk in verbinding met regionale netwerken. 9. Voor 7 bedrijventerreinen (van de 10) is met betrokken ondernemers een plan van aanpak opgesteld gericht op circulair ondernemen. 10. Verkenning naar mogelijkheden en kansen voor ontwikkeling circulaire bedrijventerreinen is afgerond (dit wordt uitgewerkt in de bedrijventerreinenstrategie). 11. Een Online deelplatform voor ondernemers en organisaties dat actief gebruikt wordt. 12. Er is minimaal één fieldlab in afstemming met onderwijs en/of kennisinstelling rondom een initiatief of ontwikkeling opgestart (dit wordt uitgewerkt in de economische agenda).

Rechtspraak bij dit artikel