De gemeente Almelo neemt deel in een groot aantal verbonden partijen op diverse beleidsvelden. Er kunnen omstandigheden zijn die om meer fundamentele evaluatie en het heroverwegen van de verbonden partij vragen. Er kan een concrete aanleiding zijn, bijvoorbeeld als overheidsingrijpen niet meer nodig is, er geen publiek belang meer is, maar bijvoorbeeld ook structureel disfunctioneren van de verbonden partij kan aanleiding zijn voor heroverweging.

Maar ook zonder directe aanleiding is het nuttig om regelmatig de relatie met de verbonden partij te evalueren. Vragen in dit verband zijn onder meer:

• Welke invloed heeft de gemeente daadwerkelijk op de samenwerkingsrelatie?

• Is zij effectief in het uitoefenen van invloed gericht op het behalen van de gemeentelijke doelstellingen en borgen van de gemeentelijke belangen?

• Is de verbonden partij zelf voldoende in control?

Om deze vragen beantwoord te krijgen evalueren we periodiek de samenwerkingsrelatie. Op het evaluatiemoment beoordeelt het college of de verbonden partij (nog steeds) effectief is in het realiseren van de publieke, gemeentelijke doelen. Het resultaat leidt mogelijk tot een formulering van nieuwe aanwijzingen en opdrachten in de richting van de samenwerkingsrelatie, of zelfs het voornemen om de samenwerking te beëindigen.

Niet alleen de fase van oprichting en beheer moet goed voorbereid worden, ook het voornemen om te beëindigen moet zorgvuldig gebeuren. Het antwoord op de vraag om al dan niet een verbonden partij te beëindigen is niettemin een politieke uitspraak. In bijlage G is het te hanteren evaluatie- en heroverwegingskader opgenomen.

2.3.1De gemeenteraad stelt kaders voor evaluatie en heroverweging

I. De gemeenteraad geeft het college opdracht om minimaal vierjaarlijks de relatie met verbonden partijen te evalueren en te heroverwegen met gebruikmaking van het kader in bijlage G. Dit vindt plaats gelijktijdig met de oplevering van de jaarstukken.

II. De gemeenteraad wordt vroegtijdig betrokken bij het voornemen tot beëindiging van deelname aan een verbonden partij.

• De gemeenteraad beoordeelt bij ieder voornemen van het college tot beëindiging of de activiteiten die de verbonden partij voor de gemeente Almelo uitvoert het publieke belang nog dienen.

III. De gemeenteraad wordt betrokken bij het afwegingsproces voor het beëindigen van de relatie met een verbonden partij en wordt door het college geïnformeerd over de uitkomsten van onderzoeken op dit vlak.

• De gemeenteraad betrekt hierbij de door haar vastgestelde uitgangspunten.

IV. De gemeenteraad oordeelt over het voornemen tot beëindiging van deelname aan een verbonden partij.

• Pas nadat de gemeenteraad toestemming heeft gegeven, beëindigt het college deelname aan een gemeenschappelijke regeling.

• Pas nadat de gemeenteraad zijn wensen en bedenkingen kenbaar heeft gemaakt, beslist het college over beëindiging van deelname aan een private verbonden partij.

2.3.2Het college besluit tot beëindiging of voortzetting

• Het college maakt bij het voornemen tot beëindiging een afweging op basis van het evaluatie- en heroverwegingskader (bijlage G).

• Het college rapporteert aan de raad over de uitkomsten van de afweging indien het onderzoek leidt tot een voornemen tot beëindiging of fundamentele wijziging van de relatie.

• Indien er geen publiek belang is kunnen er andere zwaarwegende redenen zijn de deelname te continueren zoals grote financiële of maatschappelijke effecten.

• Het college beëindigt de deelname aan een gemeenschappelijke regeling niet eerder dan nadat de gemeenteraad toestemming heeft verleend.

• Het college beëindigt de relatie met een private verbonden partij niet eerder dan nadat de gemeenteraad zijn wensen en bedenkingen kenbaar heeft gemaakt.

Kaders voor het evalueren- en heroverwegen van een verbonden partij

• De deelname aan verbonden partijen wordt minimaal elke vier jaar geëvalueerd gelijktijdig met de oplevering van de jaarstukken.

• Het college motiveert het voorstel tot beëindiging met gebruikmaking van het evaluatie- en heroverwegingskader.

• Voor beëindiging van deelname aan een gemeenschappelijke regeling dient de raad toestemming te verlenen aan het college.

• Voor beëindiging van deelname aan een private verbonden partij dient het college de raad eerst gelegenheid te geven om zijn wensen en bedenkingen kenbaar te maken.