• - De budgethouder is bevoegd tot het aangaan van verplichtingen, het realiseren van inkomsten en het doen van uitgaven.
  • - Het aangaan van financiële verplichtingen dient te passen binnen de kaders van de mandaatregeling en het inkoop- en aanbestedingsbeleid.
  • - De budgethouder gaat slechts verplichtingen aan, als er ruimte is binnen het desbetreffende budget en de verplichting een rechtstreeks verband houdt met de taak waarvoor het budget beschikbaar is gesteld;
  • - De budgethouder is bevoegd tot het betaalbaar stellen van facturen, nadat is vastgesteld dat de geleverde goederen en diensten zijn geleverd en voldoen aan de vooraf overeengekomen prijs, kwaliteit en kwantiteit;
  • - De budgethouder handelt de facturen af volgens de procedure factuurafhandeling;