Verder van het hart van Beltrum vandaan, de Beltrumse Es, werd het landschap minder dicht aan bebouwing en bouwlandkampen. De fragmentarische context bleef echter, en in plaats van de vele kampjes lagen er nu naast een handvol kampjes met bebouwing vooral veel maten. Dat zijn onregelmatig gevormde percelen hooiland, omgeven door een houtwal. Hier haalden de boeren jaarlijks hun hooi vandaan ter wintervoedering van het vee. Verondersteld wordt wel dat elders in de Achterhoek percelen periodiek met water werden bevloeid om te voorkomen dat de bodem zou bevriezen, zodat in de lente de grasgroei eerder op gang kwam en er dus extra gras geoogst kon worden. Deze theorie is onder wetenschappers echter niet onomstreden, en derhalve laten we dit thema in deze context voor wat het is. Rondom de bouwlandkampjes en maten lag heide of broek. Evenals van de hiervoor genoemde kampontginningen (Kn4) is van de sterk verkeuterde vochtige kampontginningen niet veel herkenbaar gebleven, met name door de heideontginningen van een goede eeuw geleden. Daarbij werd de structuur sterk gerationaliseerd (figuur 3.15).
Hoofdstuk 3 › Paragraaf 3.2
Artikel 3.2.11 Cultuurhistorische waardenkaart Berkelland 2017
Vochtige kampontginning, sterk verkeuterd – lage dichtheid (Kn5)
Onderdeel van Cultuurhistorische waardenkaart Berkelland 2017
Bewaren kan ook zonder account
Houd art. 3.2.11 bij de hand
Met een gratis account kun je dit artikel bewaren, tekst markeren en jezelf overhoren. Dat werkt op je laptop en op je telefoon.
- Geen reclame
- Je markeringen blijven van jou
- Werkt op je telefoon