Elk landschapstype heeft zijn specifieke kenmerken, samenhangend met de context en periode waarin het is ontstaan. Velden worden gekenmerkt door hun openheid, beekdalen in een aantal gevallen door hun opgaand groen. In de moderne agrarische bedrijfsvoering zijn deze contrasten soms vervaagd en zijn de grenzen tussen de historische landschapstypen onduidelijk geworden. Stimuleren van specifieke ingrepen, zoals het aanplanten van inheems groen in de vorm van singels waar dat eigen is aan het landschap, is een manier van het geven van positieve stimulansen aan het landschap. Op eenzelfde manier geldt dat voor de versterking van historisch-ruimtelijke eenheden in de bebouwde kom.