Naar hoofdinhoud

Artikel 5

Tegeldemaking, bezwaring of verdere bezwaring kan in redelijkheid niet worden verlangd

Onderdeel van Beleidsregels krediethypotheek en pandrecht Someren 2016

Wanneer er een overwaarde is meer dan de wettelijke vrijlating ingevolge 34, tweede lid, onder d van de Participatiewet, zal in beginsel van de belanghebbende worden verlangd dat de woning te gelde wordt gemaakt. Voor het interen van het op deze manier vrijgemaakte geld ter voorziening in de algemeen noodzakelijke kosten van het bestaan geldt een interingsnorm van l,5x de van toepassing zijnde bijstandsnorm. Voor de periode ter overbrugging tot de woning verkocht is, en er is geen sprake van een vermogen hoger dan de vermogensgrens genoemd in artikel 34, tweede lid, onder b van de Participatiewet, kan voor een periode van maximaal zes maanden bijstand verstrekt worden in de vorm van een geldlening. Indien het te gelde maken van een woning in redelijkheid niet kan worden verlangd, zal de belanghebbende moeten onderzoeken of hij de woning (verder) kan bezwaren. Het geld van de lening wordt belanghebbende geacht om te gebruiken voor zijn levensonderhoud. Zie ook artikel 6. Wanneer de woning niet te gelde gemaakt kan worden, maar de belanghebbende is aantoonbaar wel in staat om een (aanvullende) hypotheek bij een reguliere kredietinstelling te vestigen, dan staat artikel 50, eerste lid, van de Participatiewet aan de verlening van bijstand in de weg. Als direct vaststaat dat de belanghebbende de hogere financiële lasten bij (verdere) bezwaring niet zal kunnen opbrengen, dan vindt geen verwijzing naar een (hypotheek)bank voor een aanvullende financiering in de vorm van een hypothecaire geldlening plaats. Van de belanghebbende wordt tevens niet verlangd dat hij de woning verder bezwaart of de woning te gelde maakt, wanneer het (verder) belasten van de woning door middel van het afsluiten van een extra hypothecaire geldlening (financieel) niet redelijk is omdat bij toekenning reeds bekend is dat de bijstandsverlening 6 maanden of korter gaat duren. Deze bijstandsverlening vindt dan wel in de vorm van een renteloze geldlening plaats. Wanneer het te gelde maken of een verdere bezwaring van de woning niet mogelijk blijkt of gevergd kan worden, wordt de bijstand in de vorm van een geldlening verstrekt, met vestiging van een hypotheek- of pandrecht.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel