In het kader van de treasuryfunctie gelden de volgende algemene uitgangspunten op het gebied van administratieve organisatie en interne controle.

  • - De verantwoordelijkheden en bevoegdheden van treasuryactiviteiten zijn op eenduidige wijze schriftelijk vastgelegd;
  • - Bevoegdheden zijn via delegatie en mandaat nader schriftelijk vastgelegd;
  • - Bij de uit te voeren treasuryactiviteiten is functiescheiding doorgevoerd met als belangrijkste voorwaarden:
    • - iedere transactie wordt door minimaal twee functionarissen geautoriseerd conform artikel 16;
    • - de uitvoering en controle geschiedt door afzonderlijke functionarissen;
    • - de uitvoering en registratie in de financiële administratie geschiedt door afzonderlijke functionarissen.
  • - Tegenpartijen wordt opdracht gegeven de bevestigingen van iedere transactie te versturen naar de financiële administratie zonder tussenkomst van de personen die bevoegd zijn tot het sluiten van de transacties;
  • - De transacties worden onmiddellijk geregistreerd door de functionaris die de transactie heeft afgesloten en gecontroleerd door de senior adviseur financiën;
  • - De administratieve organisatie en interne controle waarborgen dat:
    • - De uitvoering rechtmatig en doelmatig is;
    • - De treasuryactiviteiten adequaat kunnen worden uitgevoerd en bijgestuurd;
    • - De risico’s worden beheerst;
    • - De juistheid, tijdigheid en volledigheid van de informatie verzekerd zijn.