Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 6

Sportbon

Onderdeel van Verordening minimaregelingen 2022 gemeente Midden-Drenthe

1.. De Sportbon beoogt het stimuleren van georganiseerde sportbeoefening van kinderen van 4 tot 18 jaar die opgroeien in een minimahuishouden. 2.. Indien een huishouden met thuiswonende kinderen gebruik maakt van de uitkering voor activiteiten, dan ontvangt dit huishouden per kind in de leeftijd van 4 tot 18 jaar eenmaal per kalenderjaar een Sportbon met een waarde van € 100,-. 3.. Indien er binnen een huishouden in enig jaar recht bestaat op meerdere Sportbonnen, dan mag de totale tegenwaarde benut worden voor de kinderen van 4 tot 18 jaar binnen dat huishouden, ook als dit een ongelijke verdeling per kind betekent. 4.. De Sportbon is uitsluitend bestemd voor de kosten voor deelname aan of lidmaatschap van sportverenigingen, fitnessclubs of een zwemopleiding. 5.. Ouders en kind(eren) bepalen aan welke sport het kind wil deelnemen met gebruikmaking van de Sportbon. 6.. De Sportbon kan uitsluitend via een bij een sportbond aangesloten sportvereniging, fitnessclub of zwembad worden ingezet en is niet inwisselbaar voor geld. 7.. De gemeente zorgt ervoor dat de betaling van de in het vierde lid genoemde kosten tot maximaal € 100,- per bon, rechtstreeks plaatsvindt aan de betreffende sportvereniging, fitnessclub of zwembad. 8.. Indien de in het vierde lid bedoelde kosten meer bedragen dan de waarde van de Sportbon(nen), dan dient het huishouden deze meerkosten zelf over te maken aan de betreffende sportvereniging, fitnessclub of zwembad. 9.. Indien de in het vierde lid bedoelde kosten minder bedragen dan de waarde van de Sportbon(nen), dan overleggen de sportclubs of buurtsportcoaches en de betreffende ouder(s) of en hoe het restant tot € 100,- per bon, kan worden ingezet voor aan die sport gerelateerde doelen als specifieke sportkleding of sportbenodigdheden. 10.. Indien een kind voortijdig stopt met het beoefenen van de uitgekozen sport die met behulp van de Sportbon is gefinancierd, dan vindt geen restitutie plaats. 11.. Indien in enig jaar geen gebruik wordt gemaakt van de Sportbon voor het financieren van sportbeoefening als bedoeld in het vierde lid, dan vervalt het tegoed op 31 december van het jaar waarin de Sportbon verstrekt werd.

Rechtspraak bij dit artikel