1. Het is verboden om een boom, houtopstand of landschapselement te beschadigen, te bekladden of te beplakken als daarmee het voortbestaan wordt bedreigd.
2. Het is verbodem om voorwerpen in of aan de boom, houtopstand of landschapselement te bevestigen die het voortbestaan hinderen.
3. Het bevoegd gezag kan bij overtreding van artikel 3, artikel 6 lid 4 en/of artikel 7 lid 1 en/of 2 herplant opleggen volgens artikel 5. Voor het vaststellen van de hoeveelheid herplant kan, in afwijking van artikel 5, gebruik gemaakt worden van de getaxeerde boomwaarde.
4. Bij het periodiek vellen van hakhout of het knotten van een boom in het kader van regulier onderhoud, moet de eigenaar ervoor zorgdragen dat de stobben opnieuw kunnen uitlopen. Bij sterfte van (een deel van) de bomen is er sprake van overtreding zoals bedoeld in artikel 3 lid 1.