De uitdaging
Ons directe verbruik van energie, water en onze productie van afval zien we terug in onze energierekening, waterrekening en de afvalstoffenheffing. Maar liefst 80% van de impact van onze activiteiten en consumptie zit echter niet in de elektriciteit, de brandstof, het water en het huishoudelijk afval waarvoor we afrekenen, maar vindt elders plaats. Voor de productie en het transport van het voedsel, de spullen en de (bouw)materialen die we gebruiken worden buiten ons zicht veel fossiele brandstoffen, delfstoffen, natuurlijke (landbouw)producten en zoetwater gebruikt. Met als gevolg een enorme vervuiling en aantasting van de natuur- en leefgebieden. Voor een toekomstbestendige samenleving is het onvermijdelijk dat we schoner, zuiniger en slimmer moeten gaan leven.
Europa is voor veel grondstoffen afhankelijk van andere werelddelen. In opdracht van het Rijk schreef TNO daarom het rapport Materialen in de Nederlandse economie - Een kwetsbaarheidsanalyse. Diverse cruciale grondstoffen voor elektronische producten, bouw en voedselvoorziening zijn schaars of kunnen maar op een beperkt aantal plaatsen gewonnen worden. Door te zoeken naar alternatieven en circulair gebruik kan Europa zijn economische en politieke gevoeligheid voor strategische grondstoffen verminderen.
Circulaire economie
In een lineaire economie worden voedsel, producten en materialen geproduceerd, geconsumeerd en daarna weggegooid. Het weggegooide materiaal wordt vervolgens gestort of, al dan niet met energieterugwinning, verbrand. Circulaire economie heeft tot doel om geen afval meer te laten ontstaan. Afgedankte producten worden in een circulaire economie zo hoogwaardig mogelijk als grondstof ingezet voor nieuwe spullen en producten.
In opdracht van MVO Nederland heeft SEO Economisch Onderzoek berekend dat in 2019 12,1% van de Nederlandse economie duurzaam was. Dat wil zeggen: klimaatneutraal, circulair en sociaal verantwoord. Voor de economie wereldwijd was dat percentage in 2019 8,6%.
Een circulaire economie vraagt om:
Het voorkomen van afval
Het zo goed mogelijk scheiden van afval zodat het hergebruikt kan worden
Het zoveel mogelijk benutten van materialen uit de eigen regio
Het beperken van het gebruik van fossiele (brand)stoffen
Zuinig omgaan met water
Het slim ontwerpen van gebouwen en producten zodat ze zo min mogelijk (schaarse en problematische) grondstoffen nodig hebben, geen giftige stoffen bevatten, lang mee kunnen gaan, goed gerepareerd, gedemonteerd en zo hoogwaardig mogelijk hergebruikt kunnen worden.
Biobased economy
Veel producten worden gemaakt uit fossiele grondstoffen. Biologische materialen kunnen als alternatief dienen voor fossiele grondstoffen. Hiermee blijft de koolstofbalans gesloten en komt er geen extra CO2 uit fossiele koolstofbronnen in de atmosfeer terecht. Dit wordt ook wel biobased economy genoemd. Een uitdaging voor de biobased economy is om zo goed mogelijk om te gaan met de beperkt beschikbare biologische materialen die afkomstig zijn van bomen, planten en dieren. Het gebruik van biobased materialen moet er niet toe leiden dat er extra natuur wordt aangetast, minder grond beschikbaar komt voor voedselproductie en voedsel in arme landen te duur wordt.
Beleidskaders
Met de Green Deal wil de Europese Commissie verontreiniging door industriële activiteiten verminderen, voedselproductie verduurzamen en voedselverspilling tegengaan. Ook circulaire economie gericht op afvalpreventie, afvalscheiding en aanpak van branches (bouw, textiel, et cetera) is onderdeel van de Green Deal. In maart van dit jaar presenteerde de Europese Commissie een Europees actieplan voor een circulaire economie. Op diverse duurzaamheidsterreinen is Nederland een achterblijver. Voor afvalscheiding en circulaire economie zijn we wel een gidsland. In het derde Landelijk Afvalbeheerplan (LAP3) zijn de nationale beleidsdoelstellingen ten aanzien van afvalscheiding uitgewerkt. Het Rijksbrede programma Nederland Circulair in 2050 richt zich op het ombuigen van onze economie naar een duurzame, volledig circulaire economie in 2050. Nederland heeft een deelprogramma Van Afval Naar Grondstof voor huishoudelijk afval (VANG Huishoudelijk afval) en bedrijfsafval (VANG Buitenshuis). In Nederland komen nog wel te veel vermestende en schadelijke stoffen in het milieu terecht. In het advies Greep op gevaarlijke stoffen dringt de Raad voor de leefomgeving en infrastructuur dan ook aan op extra maatregelen tegen onder meer medicijnresten, bestrijdingsmiddelen, microplastics en PFAS.
Ook de Metropoolregio Amsterdam (MRA) heeft een programma circulaire economie. Het programma richt zich op stimulerend beleid, circulair inkopen en grondstofstromen (textiel, plastics, luiers, elektronisch afval, biomassa en bouw & sloop). De gemeente Amsterdam lanceerde onlangs de strategie Amsterdam Circulair 2020-2025. Deze strategie richt zich op de volgende materiaalstromen: voedsel en organische reststromen, consumptiegoederen en gebouwde omgeving.
Met het nieuwe Afvalplan 2020 wil de gemeente Diemen de hoeveelheid ongescheiden huishoudelijk restafval van de huidige ruim 200 kilo per inwoner per jaar terugbrengen naar de landelijke norm van 100 kilo per inwoner per jaar. Een circulaire economie is door de gemeente Diemen aangewezen als een van de speerpunten voor duurzaamheid. In dit kader heeft de gemeente de eerste experimenten met circulaire aanbesteding gedaan bij de ontwikkeling van Holland Park West en de renovatie van de publieksruimte en de raadszaal.
Langetermijndoelstelling
Afval & circulaire economie
Het significant terugdringen van de hoeveelheid ongescheiden restafval richting de landelijke norm van 100 kilo per inwoner per jaar
Een volledig circulaire economie in 2050 (landelijke doelstelling)
Instrumenten
Ladder van Lansink
De Ladder van Lansink is een standaard op het gebied van afvalbeheer. De standaard is genoemd naar de Nederlandse politicus Ad Lansink, die in 1979 in de Tweede Kamer een motie voor deze werkwijze indiende. De ladder is erop gericht om afval zo milieuvriendelijk mogelijk te verwerken en zo de ladder te beklimmen. Pas vanaf recycling wordt de grondstofkringloop enigszins gesloten. Bij recycling wordt materiaal echter laagwaardiger toegepast zodat het uiteindelijk toch als afval eindigt. Hergebruik is erop gericht om de kwaliteit van het materiaal niet te laten afnemen.
Waardepiramide biomassa
Aandachtspunt voor de biobased economy is dat biologische materialen afkomstig van bomen, planten en dieren beperkt beschikbaar zijn en ook hun impact op natuur, klimaat en samenleving hebben. De waarde piramide voor biomassa is erop gericht om biobased materialen zo hoogwaardig mogelijk te verwerken. Productie van geneesmiddelen en voedsel gaat daarbij boven productie van materialen en chemische basisstoffen en dat gaat weer boven inzet van biomassa als brandstof.
Levenscyclusanalyse
Via een levenscyclusanalyse (LCA) kan worden bepaald of de totale milieu-impact van een circulair product inderdaad lager is dan die van een conventioneel product. Voor de bouw is er een landelijke database voor de milieuprestatie van bouwmaterialen. Bij elke aanvraag voor een omgevingsvergunning is in Nederland een MilieuPrestatie Gebouwen (MPG) berekening verplicht. Het gaat hierbij om nieuwe kantoorgebouwen en om nieuwbouwwoningen die groter zijn dan 100 m². De MPG kan helpen om zo duurzaam mogelijk te ontwerpen. De wettelijke MPG-norm is nu nog erg soepel. Het is de bedoeling om hem steeds verder aan te scherpen.
Aanpak
De aanpak van de duurzaamheidsagenda op het thema Afval & circulaire economie bestaat uit:
Preventie van afval
Verbeteren afvalscheiding
Uitbannen giftige en milieuschadelijke stoffen
Stimuleren van (lokale) circulaire producten en diensten
Circulaire aanpak grondstoffenstromen en strategische grondstoffen
Slim benutten van organische reststromen
Stimuleren van duurzamere voeding met minder dierlijk eiwit en tegengaan voedselverspilling
Stimuleren van duurzamere omgang met spullen
Stimuleren van duurzaam bouwen en slopen
Gemeentelijk beleid
Onze beleidsuitgangspunten hebben we ondergebracht in de Duurzaamheidsroute.
Activiteiten en acties
De activiteiten die we nu al doen en voortzetten en onze nieuwe activiteiten en acties op het gebied van Afval & circulaire economie hebben we ondergebracht in de Duurzaamheidsroute.
Wat doet de gemeente zelf?
Wat de gemeente zelf onderneemt op het gebied van Afval & circulaire economie staat in de paragraaf Samenwerking binnen de gemeentelijke organisatie.
Aandachtspunten
Een circulair product is niet altijd duurzamer dan een conventioneel product. Voor maatschappelijk verantwoord inkopen zijn ook andere factoren van belang zoals de impact op klimaat, natuur en samenleving.
Het gebruik van biobased materialen moet er niet toe leiden dat er extra natuur wordt aangetast, minder grond beschikbaar komt voor voedselproductie en voedsel in arme landen duurder wordt.
Diverse materialen voor elektronische producten (windmolens, zonnepanelen, elektrische auto’s, accu’s, computers) zijn schaars en vervuilend. Het is daarom bij de energietransitie van belang om ook stevig in te zetten op energiebesparing naast opwek van duurzame energie en bij schone mobiliteit ook in te zetten op openbaar vervoer en deelmobiliteit. Ook het verbeteren van inzameling en hergebruik van elektronisch afval zijn belangrijk voor de transitie naar een duurzame energievoorziening en schone mobiliteit.
Relaties met overige programmaonderdelen
• Met het thema Afval & circulaire economie worden de verborgen impact op het klimaat en de aantasting van leefomgeving en natuur ten gevolge van onze consumptie en activiteiten aangepakt.
Hoofdstuk 3. › Paragraaf 3.1
Artikel B.
Afval & circulaire economie
Onderdeel van Duurzaamheidsagenda 2020-2025