1.. De gemeentesecretaris verleent ondermandaat aan de in bijlage 3 genoemde directeuren voor de bevoegdheden opgenomen in artikel 3 lid 1 en in bijlage 3, met uitzondering van de bevoegdheden die in die bijlage uitdrukkelijk aan de gemeentesecretaris zijn voorbehouden.

2.. De stedelijk directeuren verlenen ondermandaat aan de in bijlage 4 genoemde directeuren van het eigen cluster voor de bevoegdheden opgenomen in bijlage 4, met uitzondering van de bevoegdheden die in die bijlage uitdrukkelijk aan de stedelijk directeur zijn voorbehouden.