Met voorliggend woonwagenbeleid wil de gemeente Staphorst voldoen aan de gewijzigde en meer gespecificeerde positie van woonwagenbewoners. In het verleden was de wens om woonwagenbewoners volledig te integreren in de samenleving, zonder rekening te houden met de specifieke woonwagencultuur van de desbetreffende woonwagenbewoners. Met dit beleidsstuk gaat gemeente Staphorst zich meer richten op het beschermen en faciliteren van de woonwagencultuur. Dit beschermen en faciliteren kan de gemeente Staphorst niet alleen. De betrokkenheid van woningstichting VechtHorst en de huidige woonwagenbewoners is hierbij nadrukkelijk noodzakelijk. Iedere partij dient zijn/haar verantwoordelijkheid te nemen ten aanzien van de uitvoering van het woonwagen- en standplaatsenbeleid.
De recente volkshuisvestelijke en ruimtelijke ontwikkelingen zijn leidend geweest bij het opstellen van dit woonwagenbeleid. Het doel van het beleid is om richting te geven aan een goede afstemming van vraag aanbod en daarbij vast te leggen welke partij voor welk onderdeel verantwoordelijk is. De behoefte van woonwagenbewoners aan standplaatsen is een uitdrukking van een eigen culturele identiteit die zij met familie op woonwagenlocaties willen voortzetten. Deze culturele identiteit is door diverse mensenrechtenorganisaties inmiddels erkend als een mensenrecht. De bescherming van de culturele identiteit van woonwagenbewoners vergt dat het aanbod van standplaatsen in redelijke verhouding moet staan tot de daadwerkelijke vraag en dat de wachttijd voor een huurstandsplaats vergelijkbaar is met die voor een sociale huurwoning.
Hoofdstuk 1:
Artikel 1.4
Doelstelling van het woonwagenbeleid
Onderdeel van Woonwagen- en standplaatsenbeleid