Handhavingsinspanning

Zoals reeds is aangegeven is er een prioritering ten aanzien van de VTH-taken gemaakt. Aan de hand van deze prioritering kan per VTH-taak een strategie worden opgesteld, die de basis vormt voor de uitvoering van dit jaarlijkse VTH-beleid. Hierdoor kan er een bepaalde handhavingsinspanning toegeschreven worden aan een handhavingsactiviteit.

We onderscheiden de volgende uitgangspunten:

1. Actief handhaven: bij actief handhaven wordt systematisch, gestructureerd en volgens een vaste controlefrequentie toezicht gehouden. Er wordt met een scherp oog op toegezien dat geen overtredingen kunnen plaatsvinden. Er wordt dus proactief gehandhaafd om mogelijke overtredingen tegen te gaan.

2. Thematisch handhaven: bij thematisch handhaven wordt thematisch, projectmatig en steekproefsgewijs gecontroleerd op de naleving van wet- en regelgeving. Een voorbeeld van thematisch handhaven is het proactief handhaven bij evenementen om overtredingen te voorkomen. Een voorbeeld van projectmatig handhaven is het ITV en VAB project. Bij het thematisch of projectmatig handhaven worden afzonderlijke uitgangspunten/prioriteiten vastgelegd. Deze zullen onderdeel uitmaken van het op te stellen uitvoeringsprogramma.

3. Passief handhaven: bij passief handhaven wordt alleen gehandhaafd op basis van klachten of meldingen over overtredingen.

4. Preventieve handhaving: op basis van klachtmeldingen, systeemanalyse en ontwikkelingen spelen we in om overtredingen te voorkomen. Dit kan door communicatie, maar ook door in gesprek te gaan met burgers en bedrijven.

Uitvoering prioritering naar handhavingstaak

Uitgangspunt is dat we actief handhaven op onze hoog geprioriteerde overtredingen. Indien er sprake is van een overtreding van laag geprioriteerde overtredingen wordt alleen naar aanleiding van een handhavingsverzoek van een belanghebbende beoordeeld of handhavend opgetreden moet worden. Dan zullen we een beoordeling maken in het individuele geval, waarbij de belangen van de verzoeker worden betrokken. We zullen dan bezien of het ondanks de prioritering in dat concrete geval toch handhavend moet worden opgetreden. Factoren die daarbij een rol kunnen spelen zijn bijvoorbeeld het karakter van het overtreden voorschrift, het daarbij betrokken algemene belang en de concrete belangen van de verzoeken en de overtreder in het betreffende geval. Deze werkwijze is onvermijdelijk in het kader van doelmatige handhaving.

Het resultaat van die afweging kan zijn, dat van handhaving wordt afgezien. Indien er wel een sanctie wordt opgelegd naar aanleiding van een handhavingsverzoek, dan levert dat op zichzelf geen strijd met het gelijkheidsbeginsel ten opzichte van gevallen waarin niet om handhaving is verzocht en geen sanctiebesluit is genomen. In die gevallen is er immers niet de omstandigheid dat een verzoek is gedaan waarmee in de bestuurlijke afweging rekening moet worden gehouden. Het betekent wel dat het bestuursorgaan deugdelijk moet motiveren waarom het ondanks de prioritering, toch handhavend heeft opgetreden. Die afweging in het concrete geval moet dus inzichtelijk en duidelijk worden (vgl. ECLI:NL:RVS:2021:1961, AB 2021.320).

We zullen jaarlijks monitoren welke overtredingen wel geconstateerd zijn, maar waar we op basis van onze prioritering niet tegen opgetreden hebben. Hierin nemen we ook de uitgestelde handhavingsverzoeken mee. Jaarlijks bepalen we of er overtredingen zijn welke nu wel prioriteit gegeven moeten worden. Afzien van handhaving betekent niet dat er niet op termijn tegen opgetreden kan worden, want het blijft een overtreding.

Uitvoering gedoogstrategie

In bepaalde uitzonderlijke noodsituaties is actief gedogen aanvaardbaar, mits deze zijn beperkt in omvang en tijd. Daarnaast vindt gedogen plaats na een zorgvuldige belangenafweging en wordt deze aan een controle onderworpen. Gedogen mag er niet voor zorgen dat sprake is van extra hinder en/of overlast die voor de omgeving onevenredig groot wordt. Daarnaast is gedogen niet mogelijk wanneer de gedoogsituatie leidt tot een onomkeerbare situatie die niet-wenselijk is. Ten slotte mag recidiverend of bewust calculerend gedrag niet beloond worden door middel van gedogen. De afweging of gedogen mogelijk is, is afhankelijk of het een overgangssituatie is (dus op korte termijn legaliseerbaar/vergunbaar) of een overmachtssituatie (zodanig uitzonderlijke omstandigheden en risico beheersbaar dat tijdelijk niet tegen een overtreding wordt opgetreden (maximaal 4 maanden). In overige situaties ligt het niet voor de hand om over te gaan tot gedogen van een overtreding. Actief of passief gedogen betekent nooit dat er sprake is van legalisatie van een overtreding en dus niet handhavend opgetreden kan worden.