Om maatwerk in de belangenafweging mogelijk te maken kunnen burgemeester en wethouders afwijken van één of meerdere voorwaarden zoals gesteld in artikel 5 lid 1 t/m 4, in artikel 6, lid 5 t/m 9, en artikel 8, lid 1 en lid 4 t/m 15, mits wordt onderbouwd dat de strikte toepassing van deze voorwaarde (of voorwaarden) zich onevenredig verhoudt (of verhouden) tot de mate waarin de bouwhistorische en/of visuele waarden worden aangetast.
Dat kan (niet limitatief) het geval zijn bij
geringe zichtbaarheid van zonnepanelen op zijdakvlakken, op dakvlakken die gekeerd zijn naar openbaar toegankelijk gebied en/of op een plat dak van (een deel van) een pand van één (bovengrondse) bouwlaag, waarvan ten minste één gevel is gekeerd naar openbaar toegankelijk gebied;
een cultuurhistorisch irrelevante zichtlocatie;
het ontbreken van nabijgelegen beschermde monumenten, voor zover het pand zelf geen beschermd monument is;
een dakvlak waar ter plaatse een eerdere verstoring, of de specifieke aard, van de beeldkwaliteit rechtvaardigt dat de voorwaarden minder strikt worden toegepast;
een zorgvuldig vormgegeven, collectief legplan van meerdere eigenaren van panden die visueel één geheel vormen. Het is daarbij onder meer denkbaar dat er geen 30 cm afstand tot de erfgrens gehouden hoeft te worden;
Artikel 9