Voor een veilige, gezonde en duurzame leefomgeving is het belangrijk dat inwoners, bedrijven en instellingen regels naleven. De preventiestrategie richt zich enerzijds op het vergroten van kennis en bewustwording bij burgers, bedrijven en instanties over welke regelgeving van toepassing is en voor welke activiteiten een melding of vergunning nodig is. Om (spontaan) aan deze regels te kunnen voldoen, moet immers bekend zijn welke regels van toepassing zijn. Anderzijds richt de preventiestrategie zich op het stimuleren van betrokkenen om aan de geldende regels te voldoen. Het doel van de preventiestrategie is dan ook om de betrokkenheid en het draagvlak voor spontane naleving van wet- en regelgeving te vergroten.

Inzet van de preventiestrategie heeft doorlopend plaats en gaat veelal vooraf aan potentiële aanvragen of meldingen. Door inzet in het voortraject willen wij zoveel mogelijk voorkomen dat wij achteraf tot (formele) actie moeten overgegaan.

Wij geven op de volgende manier invulling aan preventie:

Maken van eenvoudige, duidelijke en handhaafbare regels

Regels die we zelf maken of voorschriften in een vergunning die we verlenen zijn zo eenvoudig en begrijpelijk mogelijk opgesteld. Hierdoor kan er zo min mogelijk discussie over de interpretatie ontstaan. Het is belangrijk dat iemand de regels snapt. Daar hebben wij niet altijd invloed op, bijvoorbeeld bij landelijk gemaakte regels.

Communicatie algemeen/voorlichting over regels

We communiceren actief over (nieuwe) regels en geven voorlichting passend bij de doelgroep, het moment of het gedrag van iemand. Dat kan via massacommunicatie zoals een bericht op een website of gerichte communicatie zoals via een brief of een gesprek. We communiceren bij voorkeur in een persoonlijk gesprek, want dan kunnen we gelijk nagaan of de informatie goed over komt. We kijken eveneens naar de gedragsmotieven (dat kan bijvoorbeeld meewerkend zijn of expres tegenwerken).

Bij het verlenen van producten

Initiatiefnemers/aanvragers worden gestimuleerd om de omgeving bij hun initiatieven en plannen te betrekken. De initiatiefnemer wordt gewezen op hulpmiddelen die op de website te vinden zijn:

Informatiefolder;

Handleiding participatie;

Formats participatielogboek en eindverslag.

Stimuleren vooroverleg via intaketafel en/of omgevingstafel

Initiatiefnemers/aanvragers worden geadviseerd om de gemeente vroegtijdig mee te laten kijken met hun idee/plan en de wenselijkheid en haalbaarheid ervan samen te verkennen.

Een goede voorbereiding draagt bij aan goede en volledige aanvragen. Hierdoor kan het aantal verzoeken om aanvulling, buiten behandeling laten en weigeren van aanvragen worden beperkt.

Tijdens het uitvoeren van toezicht en inzetten van handhavingsmiddelen

Zorgen voor begrip

We laten de reden en achterliggende gedachtes van regels weten. Iemand die weet en begrijpt waarom regels er zijn, is eerder geneigd deze te accepteren en te volgen.

Zichtbaarheid toezicht en handhavingsactiviteiten

We communiceren over toezicht- en handhavingsprioriteiten en over grotere handhavingsprojecten. Het openbaar maken van toezichtresultaten kan daarnaast een preventiemiddel zijn. We zijn zelf als toezichthouder regelmatig zichtbaar aanwezig in het veld. In jaarprogramma’s en projectplannen nemen we preventie en communicatie standaard als instrument op.

Informatie delen

Overheden delen onderling zo veel mogelijk informatie. Zo kunnen overheden risicogericht en informatie gestuurd toezicht houden en handhaven. Informatie over een bedrijf, inwoner of instelling is zoveel mogelijk centraal opgeslagen en raadpleegbaar voor overheden onderling, mits dit wettelijk is toegestaan.

Sociaal gedrag stimuleren

We juichen sociale controle, zoals buurtpreventie, toe. We willen dat de omgeving de regels kent, overtredingen kan signaleren en met elkaar in gesprek gaat hierover. We vragen klagers ook om eerst zelf richting de overlastgever aan te geven dat ze overlast hebben. Wijkcoördinatoren, wijkmanagers, wijkagenten en boa’s spelen een belangrijke rol in het stimuleren van maatschappelijke controle.

Preventie, toezicht en sanctie kunnen zowel na elkaar als naast elkaar worden ingezet om naleefgedrag te bevorderen. Preventieve instrumenten zetten we wel eerder in bij welwillend gedrag en toezicht en sanctie meer bij calculerend en bewust overtredend gedrag. Maar preventieve instrumenten kunnen eveneens bij calculerend gedrag bijdragen aan betere naleving.