In het kader van de treasuryfunctie gelden de volgende algemene uitgangspunten op het gebied van administratieve organisatie en interne controle:
- - Eenduidige schriftelijke vastlegging van de verantwoordelijkheden en bevoegdheden van treasuryactiviteiten. De door het college gemandateerde bevoegdheden zijn in het mandaatbesluit 2020 (vastgesteld op 12 december 2019) of diens opvolgers nader schriftelijk vastgelegd. Voor zover dit niet het geval is dient dit mandaatbesluit middels een apart collegebesluit aangepast te worden, waarbij het betreffende mandaat pas ingaat op de datum inwerkingtreding van dat aparte collegebesluit.
- - Schriftelijke vastlegging van bevoegdheden via delegatie en mandaat.
- - Functiescheiding bij treasuryactiviteiten met als belangrijkste voorwaarden:
- - iedere transactie wordt door minimaal twee functionarissen geautoriseerd (het vier-ogen-principe);
- - de uitvoering en de registratie in de financiële administratie geschiedt door afzonderlijke functionarissen.
- - Een transactie wordt onmiddellijk geregistreerd door de functionaris die de transactie heeft afgesloten.
- - Na ontvangst van de transactiebevestiging wordt de transactie ten behoeve van de interne controle direct gecontroleerd door de medewerker van de afdeling BMO.
- - De totale cyclus van de treasuryfunctie moet synchroon lopen met de cycli van begroting en rekening.