Het weerstandsvermogen geeft de verhouding weer tussen de beschikbare en de benodigde weerstandscapaciteit.
Het weerstandsvermogen wordt uitgedrukt in de ratio:
“beschikbare weerstandscapaciteit” / “benodigde capaciteit (niet afgedekte risico’s)”.
Hierbij is het weerstandsvermogen toereikend als de beschikbare weerstandscapaciteit tenminste gelijk is aan de benodigde weerstandscapaciteit. Wanneer het weerstandsvermogen structureel minder dan 1,0 bedraagt, is een gemeente kwetsbaar. De gemeente beschikt dan naar verwachting niet over voldoende structurele capaciteit om de geïdentificeerde en gewogen risico’s af te dekken. Het weerstandsvermogen ligt idealiter (structureel) tussen de 1,0 en 2,0. In deze situatie is er sprake van een adequaat evenwicht tussen onderkende financiële risico’s en beschikbaar financieel vermogen om deze financiële risico’s op te vangen indien deze zich zouden voordoen. Overigens betekent een weerstandsvermogen van groter dan 1,0 niet dat een gemeente voor 100% is ingedekt tegen alle risico’s die zich kunnen voordoen. De ratio maakt namelijk gebruik van een weging van de risico’s. Het kan namelijk voorkomen dat de gemeente in één jaar twee grote tegenslagen krijgt te verwerken, ook al waren de kansen dat dit kan gebeuren laag ingeschat. Het spreekt voor zich dat hoe hoger de weerstandscapaciteit is, hoe meer (onvoorziene) tegenvallers opgevangen kunnen worden. Een weerstandsvermogen dat structureel boven de 2,0 ligt duidt op een zeer robuuste financiële positie.
Een structureel hoog weerstandsvermogen hoeft echter niet altijd ideaal te zijn.
We streven een ratio na die minimaal de door de raad vastgestelde norm van 1,0 bedraagt. Hierbij is de beschikbare weerstandscapaciteit minimaal gelijk aan de omvang van de benodigde weerstandscapaciteit. Als de ratio weerstandsvermogen onder de 1,0 uitkomt of dreigt uit te komen, wordt aan de raad advies uitgebracht hoe weer op niveau te komen.
Figuur : Relatie tussen risico’s, weerstandscapaciteit en weerstandsvermogen
In 2020 is landelijk het Gemeenschappelijk Financieel Toezichtkader (GTK 2020) in werking getreden. Voor de beoordeling van de omvang van het weerstandsvermogen wordt gebruik gemaakt van onderstaande waarderingstabel. Deze normeringsystematiek is ontwikkeld door het Nederlandse Adviesbureau voor Risicomanagement (NAR) in samenwerking met de Universiteit Twente. Vooralsnog gaan wij ervan uit dat ons weerstandsvermogen zich de komende jaren zal stabiliseren op de grens van ‘ruim voldoende’ en ‘uitstekend’.
Weerstandsvermogen
Betekenis
>= 2.0
Uitstekend
1.4 < 2.0
Ruim voldoende
1.0 < 1.4
Voldoende
0.8 < 1.0
Matig
0.6 < 0.8
Onvoldoende
< 0.6
Ruim onvoldoende
Zoals in paragrafen 1.3 en 2.4 is aangegeven, is sinds 2015 in het BBV voorgeschreven in de begroting en jaarrekening te rapporteren over vijf financiële kengetallen in relatie tot de financiële positie van de gemeente. Voor een nadere toelichting wordt verwezen naar de volgende link: Regeling vaststelling wijze waarop kengetallen worden vastgesteld en opgenomen in begroting en jaarverslag provincies en gemeenten en naar de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing in de begroting en jaarstukken van de gemeente Soest.
Hoofdstuk 3
Artikel 3.3
Weerstandsvermogen
Onderdeel van Uitvoeringskader risicomanagement gemeente Soest 2023