Een omgevingsvergunning voor het bouwen van bijbehorende bouwwerken bij een woning op het voorerf binnen de bebouwde kom kan worden verleend, mits:

1. de breedte van de erker maximaal 50% van de breedte van de voorgevel van het bijbehorende hoofdgebouw bedraagt;

2. de overschrijding van de voorgevelrooilijn door de erker niet meer dan 1,5 meter bedraagt;

3. de hoogte van de uitbreiding niet meer bedraagt dan de bovenkant van de scheidingsconstructie met de eerste bouwlaag + 0,30 meter met een maximale hoogte van 4 meter;

4. het aansluitende voorerfgebied mag niet voor meer dan 50% worden bebouwd.