Kosten van een baby-uitzet moeten in het algemeen uit het inkomen op bijstandsniveau worden be- streden door middel van reservering, of betaling achteraf. In principe dient rekening te worden gehouden met een mogelijke reserveringsperiode van 6 maanden. Een babyuitzet bestaat uit de volgende dingen:
wieg/ledikantje
kraampakket (verbandmiddelen, onderleggers en dergelijke voor een thuisbevalling);
babypakket (luiers, hemdjes, bad, kruik, matras dekbed/deken, lakens en zeiltje);
commode, box, kinderstoel, kinder- of wandelwagen;
positiekleding of kleding na bevalling als niets meer past;
Alleen bij bijzondere individueel bepaalde omstandigheden kan (bijzondere) bijstand worden verleend in de vorm van een geldlening. Een voorbeeld hieraan: als er geen reservering mogelijk is geweest. Bijvoorbeeld in verband met een verhuizing kort daarvoor of bij de geboorte van het eerste kind van een alleenstaande. In het laatste geval wordt de norm pas bij de geboorte van het kind omgezet naar een alleenstaande oudernorm waardoor reserveringruimte tijdens de bevalling niet aanwezig is.
Bij de bijstandsverlening dient dan ook het volgende te worden nagegaan:
is het gevraagde noodzakelijk?
had men kunnen reserveren voor de kosten (let op aanwezig vermogen)?
is er een voorliggende voorziening (financiering via een kredietinstelling)?
Blijkt de noodzaak vast te staan en wordt op grond van bovengenoemde criteria geconcludeerd dat geen dan wel een gedeeltelijke reserveringscapaciteit aanwezig is (geweest), dan kan worden geconcludeerd dat bijstandsverlening aan de orde is.
Voorliggende voorzieningen
Uitgangspunt voor de verlening van bijzondere bijstand voor een baby-uitzet is dat men zich - indien men niet de middelen heeft - wendt tot kredietverlenende instelling voor een lening. In een aantal gevallen is de kredietbank slechts bereid een lening te verstrekken onder de voorwaarde dat de gemeente bereid is borg te staan. Voor de verlening van borgtocht kan slechts aanleiding zijn indien is komen vast te staan dat, zonder optreden van de bijstand als borg, de lening door de kredietverlenende instantie niet zal worden verstrekt.
Als voorliggende voorziening wordt eveneens een al toegekende langdurigheidstoeslag aangemerkt.
Hoogte bijzondere bijstand
De hoogte van de vergoeding wordt vastgesteld op basis van de goedkoopste, en voor de betrokkene(n) adequate, voorziening. De hoogte van de te verstrekken bijzondere bijstand wordt bepaald aan de hand van de richtprijzen, zoals vermeld in de Prijzengids van het Nibud.
Er kan alleen bijzondere bijstand wordt verstrekt voor de kosten van een kraampakket, indien de zorgverzekeraar geen (volledige) vergoeding verstrekt.
De maximale vergoeding geldt uitsluitend bij de aanschaf van de gehele babyuitzet voor de geboorte van het eerste kind. Zijn er al meer kinderen, dan is het uitgangspunt dat kan worden volstaan met een lager gedrag omdat een deel van de babyuitzet al aanwezig is.
Vorm bijzondere bijstand10Artikel 51 Wet werk en bijstand
De bijzondere bijstand wordt verleend in de vorm van borgtocht, indien de belanghebbende alleen on- der deze voorwaarde een lening kan afsluiten hij een geldverstrekker (meestal de gemeentelijke kredietbank). Indien borgtocht niet mogelijk is, wordt de bijzondere bijstand verleend in de vorm van een geldlening. Alleen wanneer er sprake is van zeer bijzondere omstandigheden, is het mogelijk om de bijzondere bijstand om niet te verstrekken.
Aflossing geldlening
Zie voor de hoogte van de aflossingsbedragen § 2.4.8.
bij verwijtbare lening:
kan er in principe geen kwijtschelding worden verleend na 36 maanden, maar dient de lening volledig te worden afgelost.
Aan de bijstand verbonden verplichtingen
de verplichting om uit de toegekende bijzondere bijstand de betreffende kosten te voldoen;
de verplichting om betalingsbewijzen te overleggen;
specifieke verplichtingen in verband met het feit dat de bijstand wordt verleend in de vorm van een geldlening of borgtocht
Hoofdstuk 5. › Paragraaf 7.2.
Artikel 7.2.2.
Baby-uitzet
Onderdeel van Beleidsregels bijzondere bijstand 2012