** 1. .** Van formele hulp is sprake als de jeugdige professionele jeugdhulp nodig heeft en deze hulp verleend wordt door onderstaande personen, met uitzondering van bloed-of aanverwanten in de eerste of tweede graad van de budgethouder:
personen die werkzaam zijn bij een jeugdhulpaanbieder welke ten aanzien van de voor het pgb uit te voeren taken of werkzaamheden ingeschreven staat in het Handelsregister, en de personen die worden ingezet beschikken over relevante diploma’s die nodig zijn voor de uitvoering van de desbetreffende taken en werken volgens norm van verantwoorde werktoedeling;
personen die aangemerkt zijn als zelfstandige zonder personeel en ten aanzien van de voor het pgb uit te voeren hulpverlenende taken of werkzaamheden ingeschreven staan in het Handelsregister, die beschikken over de relevante diploma’s die nodig zijn voor de uitoefening van de desbetreffende taken en werken volgens norm van verantwoorde werktoedeling; of
personen die ingeschreven staan in het BIG register of het Kwaliteitsregister Jeugd, en werken volgens norm van verantwoorde werktoedeling.
** 2. .** Als de hulp wordt verleend door een bloed-of aanverwant in de eerste of tweede graad van de budgethouder, als bedoeld in het eerste lid, is er sprake van informele hulp.
** 3. .** Als de hulp wordt verleend door iemand uit het sociale netwerk, niet zijnde een bloed-of aanverwant in de eerste of tweede graad van de budgethouder, is alleen sprake van formele hulp indien wordt voldaan aan de onder de in het eerste lid, onder b en c genoemde voorwaarden.
** 4. .** Voor zowel de informele als formele hulpverleners geldt dat zij dienen te beschikken over een geldige Verklaring Omtrent Gedrag niet ouder dan 12 maanden, als bedoeld in artikel 28 van de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens bij het indienen van het budgetplan, met uitzondering van de ouder(s) van de jeugdige.
Hoofdstuk 3
Artikel 3.3
Onderscheid formele en informele hulp
Onderdeel van Verordening jeugdhulp Den Haag 2024