Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 2.6

Kwetsbaar en onvervangbaar

Onderdeel van Beleidsnota archeologie Land van Cuijk 2024

Archeologie is kwetsbaar. Het is onderworpen aan een natuurlijk proces van degradatie, waardoor er na verloop van tijd steeds minder van over is. Naast dit natuurlijke proces is er natuurlijk ook de invloed van de mens, zowel direct als indirect. En die invloed is in de loop van de tijd steeds groter geworden. We graven en verleggen waterwegen, we bouwen huizen met diepgaande funderingen, we verlagen kopjes in het landschap en vullen laagtes in, we ploegen de bovengrond om, en als we grote voorraden bruikbaar zand en kiezel tegenkomen dan baggeren we dat uit (fig. 2.14). Zo is al heel veel archeologie ongezien verloren gegaan. Maar ook indirect is de mens van invloed op de archeologie in de ondergrond. Door het verlagen van de grondwaterspiegel bijvoorbeeld, waardoor er zuurstof in de bodem komt en zaken als hout, textiel en leer wegrotten. Deze effecten kunnen door de klimaatverandering nog versterkt worden: afwisselend grote droogte en overvloedige neerslag kunnen tot overstromingen en erosie leiden, waardoor ook archeologie verloren zal gaan. Fig. 2.14. Foto van een archeologische vindplaats waarbij de schade aan het archeologisch niveau door ploegwerkzaamheden zichtbaar is in de vorm van de lange smalle banen. Foto: J. van Kampen. Wezenlijk is ook dat archeologie onvervangbaar is. We kunnen een eenmaal vernietigd Merovingisch grafveld niet terugbrengen. Eenmaal weg is voor altijd weg. Dit alles samen maakt dat we al heel veel informatie over ons verleden kwijt zijn. Het maakt dat die resten die we nog hebben steeds belangrijker worden, omdat het soms letterlijk het laatste stukje informatie bevat dat er is. Daarom moeten we voor ons archeologisch erfgoed zorgen.

Rechtspraak bij dit artikel