Bij hergebruik van vrijkomende (agrarische) gebouwen kunnen de volgende functies worden toegestaan:
wonen en zorg, met dien verstande dat woningen - voor zover deze geen verband houden met zorgverlening - slechts zijn toegestaan in de voormalige bedrijfswoning en in aanwezige karakteristieke gebouwen;
dagrecreatie, functies op het gebied van natuur- en landschapsbeheer, cultuur, kunst, educatie,
restaurants, logies of daarmee vergelijkbare horecavormen;
detailhandel, voor zover deze verband houdt met de hoofdfunctie van het perceel en daaraan bedrijfsmatig en wat betreft omvang ondergeschikt is;
dienstverlening en niet-industriële bedrijven behorende tot de milieucategorieën 1, 2 en 3 of naar aard en invloed op de omgeving vergelijkbare bedrijven, mits ruimtelijk en functioneel passend in de karakteristiek van de omgeving.
Hoofdstuk 4 › Paragraaf 4.7
Artikel 4.7.1
Provinciaal beleid
Onderdeel van Harmonisatie bestemmingsplannen Buitengebied (gemeentelijke herindeling 2014)