1.. Een gift, in geld of in natura wordt vrijgelaten tot een bedrag ter hoogte van € 1.800,- per jaar;

2.. De vrijlating geldt per bijstandsgerechtigde eenheid (gehuwden, alleenstaande ouder, alleenstaande);

3.. De vrijlating geldt per kalenderjaar en giften worden toegerekend aan het jaar waarin ze worden ontvangen;

4.. Voor de toepassing van de vrijlating wordt geen onderscheid gemaakt tussen incidentele, periodieke giften of een samenloop van beiden;

5.. Het bedrag van een gift in natura wordt vastgesteld op de waarde ervan in het economisch verkeer

6.. Bij een overschrijding van het vrij te laten bedrag zoals bepaald in het eerste lid, wordt het meerdere aangemerkt als middel als bedoeld in artikel 31 van de wet;

7.. Een belanghebbende is verplicht om alle giften waarmee het in het eerste lid genoemde bedrag wordt overschreden te melden op grond van artikel 17 lid 1 van de wet.