1.. De garagevergunning vervalt, indien:

  • - de eigenaar als bedoeld in art. 2, lid 1, of de rechthebbende als bedoeld in art. 2, lid 2, ophoudt eigenaar of rechthebbende te zijn;
  • - de vergunninghouder schriftelijk heeft verklaard, van de garagevergunning geen gebruik te willen maken;
  • - de garage, anders dan door calamiteit, teniet gaat.

2.. Het bepaalde in lid 1, onder a, is niet van toepassing gedurende een jaar na overlijden van de vergunninghouder. Gedurende die periode worden de erfgenamen geacht vergunninghouder te zijn.