Uittreding uit deze regeling is alleen mogelijk na wijziging van de indeling van gemeenten in regio's, als bedoeld in artikel 8 Wet veiligheidsregio's.
In het in het eerste lid bedoelde geval zal de uittredende Gemeente aan het Algemeen bestuur daartoe strekkende besluiten van de Raad en het College sturen. De procedure voor uittreding start op de dag nadat het Algemeen bestuur de besluiten heeft ontvangen.
Na ontvangst van de in het tweede lid bedoelde besluiten, maar uiterlijk zes maanden voor de datum van uittreding, komen de uittredende Gemeente en het Dagelijks bestuur een conceptuittredingsregeling overeen waarbij de belangen van de uittredende Gemeente en die van de achterblijvende Gemeenten op reële en evenwichtige wijze worden afgewogen. De conceptuittredingsregeling wordt vervolgens binnen uiterlijk zes weken door het Algemeen bestuur vastgesteld.
In de concept-uittredingsregeling worden de personele, juridische, organisatorische en financiële gevolgen, waaronder de gevolgen voor het vermogen van de uittreding geïnventariseerd, de wijze waarop met deze gevolgen kan of moet worden omgegaan, de voorwaarden voor uittreding, de hoogte van de uittreedsom en de overname van personeel en/of overige verplichtingen door de uittredende Gemeente. Indien blijkt dat, als gevolg van een mogelijk verlies aan arbeidsplaatsen, een overleg met de bij de sector betrokken vakbonden noodzakelijk is ten behoeve van het opstellen van een sociaal plan, wordt de conclusie van dit overleg opgenomen in de concept-uittredingsregeling.
Het Dagelijks bestuur en de uittredende Gemeente zullen zich inspannen om de nadelige gevolgen van de uittreding voor SamenDrenthe en de uittredende Gemeente zo veel mogelijk te beperken, bijvoorbeeld door personeel of andere verplichtingen over te nemen of anderszins in stand te houden.
Bij het vaststellen van de hoogte van de uittreedsom is het uitgangspunt dat de uittredende Gemeente de reële schade van SamenDrenthe en de achterblijvende Gemeenten vergoedt die rechtstreeks gevolg is van het uittreden uit de gemeenschappelijke regeling. Bij het bepalen van de hoogte van de schade wordt in beginsel een afbouwperiode van 5 jaar gehanteerd, te rekenen vanaf de datum van uittreding.
De uittreedsom bestaat uit de zakelijke gerechtvaardigde kosten, te weten de kosten die rechtstreeks ontstaan uit de uittreding (frictiekosten) en de bijdragen aan de overtollige kosten (desintegratiekosten) in de in lid 6 genoemde afbouwperiode, waarbij geen verrekening van het vermogen plaatsvindt.
De hoogte van de uittreedsom als bedoeld in het zesde lid wordt alleen verhoogd als er sprake is van substantiële langlopende en niet te mitigeren financiële verplichtingen, indien vast staat dat deze zich zullen voor doen én in die becijferde omvang, waarbij de bijdrage in de kosten door de uittredende Gemeente naar rato wordt vastgesteld.
Op de uittreedsom wordt het aandeel van de uittredende Gemeente in de algemene reserve van SamenDrenthe op de datum van uittreding in mindering gebracht, voor zover deze algemene reserve het benodigde weerstandsvermogen overschrijdt. Het aandeel in de algemene reserve wordt berekend naar rato van het inwoneraantal van de uittredende Gemeente. Indien er sprake is van een tekort in de algemene reserve ten opzichte van het benodigde weerstandsvermogen wordt de uittreedsom met dit tekort verhoogd overeenkomstig de hiervoor benoemde berekeningswijze.
De frictiekosten komen volledig ten laste van de uittredende Gemeente.
Onder frictiekosten wordt verstaan alle incidentele kosten in verband met de uittreding van de Gemeente, zoals de kosten van inhuur externe dienstverlening, kosten onderzoek accountant, kosten boventallig primair personeel, kosten opstellen sociaal plan, kosten boventallig decentrale personele overhead, kosten afwaardering activa.
De desintegratiekosten die direct aan de uittredende Gemeente kunnen worden toegerekend, komen integraal voor rekening van de uittredende Gemeente voor de duur van maximaal 5 jaar. Desintegratiekosten die niet direct aan de uittredende Gemeente kunnen worden toegerekend, zoals investeringskosten, afschrijvingskosten, kantoorhuur, salariskosten en inhuur van personeel12 etc. komen naar rato van de kostenverdeelsleutel als bedoeld in artikel 31 derde lid van deze regeling, voor rekening van de uittredende Gemeente.
Onder desintegratiekosten wordt verstaan alle doorbelaste kosten als gevolg van overcapaciteit in personele en materiele sfeer en andere verplichtingen, die ontstaan als direct gevolg van de uittreding gedurende de in het zesde lid genoemde afbouwperiode.
De kosten als bedoeld in het tiende en twaalfde lid worden door de accountant van SamenDrenthe bepaald aan de hand van de jaarrekeningen over de afgelopen 3 jaar voorafgaand aan de datum van uittreding. De beoordeling van de kosten van uittreden wordt gebaseerd op de feiten en omstandigheden die bekend zijn op het moment van de daadwerkelijke uittreding.
Met het oog op het vaststellen van de hoogte van de uittreedsom, als bedoeld in het zesde en achtste lid, vragen de uittredende Gemeente en het Dagelijks bestuur gezamenlijk om een bindend advies aan een onafhankelijke externe deskundige. De kosten voor het inschakelen van de externe deskundige zijn, als onderdeel van de frictiekosten, voor rekening van de uittredende Gemeente.
Het Algemeen bestuur stelt de concept-uittredingsregeling vast en stuurt deze aan de Raden ter besluitvorming. De uittredingsregeling is vastgesteld indien tenminste twee derde van de Raden hiertoe besluit.
Gedurende de periode tussen het besluit tot uittreding en effectuering daarvan is de uittredende Gemeente gehouden al haar verplichtingen na te komen.
De uittreedsom moet binnen een termijn van zes maanden na vaststelling als bedoeld in het zestiende lid door de uittredende Gemeente zijn voldaan, tenzij in de uittredingsregeling een andere afspraak is gemaakt.