1.. Het college bepaalt bij de toekenning van de vervoersvoorziening de wijze en het tijdstip van verstrekking of uitbetaling, evenals de duur van de voorziening.

2.. Het college kan aanvullende voorwaarden stellen bij de toekenning van een vervoersvoorziening.

3.. Indien het college dit noodzakelijk acht, kan een vervoerstraining worden toegekend en kan een persoonlijk vervoersontwikkelingsplan als bijlage aan het besluit worden toegevoegd.