Artikel 2:12, tweede lid, onderdeel c, van de Apv bepaalt dat de omgevingsvergunning geweigerd wordt indien door de uitweg het openbaar groen op onaanvaardbare wijze wordt aangetast. Van aantasting op onaanvaardbare wijze is in ieder geval sprake als:
- - op de locatie van de aangevraagde uitweg een boom staat die onderdeel is van het openbaar groen en die niet gekapt mag worden zonder een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 22.8 Omgevingswet (jo. Bomenverordening 2023) en deze omgevingsvergunning niet wordt verleend;
- - de aangevraagde uitweg ten koste gaat van een boom die op de bijzondere bomenlijst van de gemeente staat;
- - de aangevraagde uitweg ten koste gaat van openbaar groen zodanig dat dit naar het oordeel van deskundigen van de gemeente de continuïteit van de groenstructuur in de directe omgeving aantast;
- - de uitweg gelegen is op minder dan 4 meter afstand van een boom, loodrecht gemeten tussen de zijkant van de uitweg en de boomstam, of gelegen is onder de kroonprojectie van een boom.