Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4

Artikel 18

Weigeringsgronden

Onderdeel van Subsidieregeling allianties inclusiviteit en antidiscriminatie 2026-2027

1.. In aanvulling op artikel 8, eerste lid, van de ASA 2023 weigert het college de subsidie te verlenen indien: de alliantie waarvoor de penvoerder subsidie aanvraagt niet bestaat uit minimaal 3 en maximaal 8 maatschappelijke organisaties; de alliantie die subsidie aanvraagt niet voor minimaal de helft bestaat uit maatschappelijke organisaties zonder winstoogmerk; de in de alliantie vertegenwoordigde maatschappelijke organisaties zonder winstoogmerk allen bij elkaar minder dan de helft van het totaal aangevraagde subsidiebedrag (minus de penvoerderskosten) ontvangen; de penvoerderskosten meer bedragen dan 15% van de opgevoerde totaalbegroting. 2.. In aanvulling op artikel 8, tweede lid, van de ASA 2023 kan het college geheel of gedeeltelijk weigeren een subsidie te verlenen indien: niet voor alle beoordelingscriteria als genoemd in artikel 13, lid 1, minimaal de helft van het aantal te behalen punten zijn behaald; gegronde reden bestaat om aan te nemen dat de aanvrager niet kostenefficiënt werkt. Doordat er voor uitvoering van de activiteiten meer uren, of een hogere prijs per uur wordt gerekend dan die door het college redelijk wordt geacht; de samenwerkingsovereenkomst niet alle elementen bevat, zoals voorgeschreven in deze regeling of de samenwerkingsovereenkomst naar het oordeel van het college onvoldoende basis biedt voor de rechtmatige en doelmatige uitvoering van activiteiten.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel