Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 4

Aanvullende voorwaarden voor het buitengebied

Onderdeel van Afwegingskader woningsplitsing, inwoonsituaties en tijdelijke woning

a. . De woningen in het buitengebied mogen gesplitst worden indien: De functie wonen reeds is toegestaan; De uiterlijke verschijningsvorm gehandhaafd blijft. Wat de verschijningsvorm betreft, moet er sprake blijven van één hoofdgebouw met bijbehorende bouwwerken; Er mag geen sprake zijn van volledige nieuwbouw, er moet sprake zijn van het beter benutten van bestaande bebouwing. Bij uitzondering kan het college hiervan afwijken. Er moet dan sprake zijn van een ruimtelijk, functioneel, economisch en/of maatschappelijke belang. Er is in geval van afwijking altijd een ruimtelijk kwaliteitsplan vereist; Inpassing op het erf en in het landschap moet – als de inrichting van het erf daartoe naar oordeel van de gemeente aanleiding geeft - plaatsvinden aan de hand van een ruimtelijk kwaliteitsplan. b. . De woningen in het deelgebied ‘Uiterwaarden en hoogwatergeul’ (opgenomen in de omgevingsvisie) mogen niet worden gesplitst.

Rechtspraak bij dit artikel