Bijzondere bijstand kan worden verstrekt aan een huishouden dat voldoet aan de volgende voorwaarden:

  • - Het huishouden voldoet aan de omschrijving zoals bedoeld in artikel 1, onder c.
  • - Als gevolg hiervan ontvangt het huishouden minder huur- en/of zorgtoeslag dan een vergelijkbaar huishouden met een volledige bijstandsuitkering.
  • - Het besteedbare inkomen van het huishouden ligt in het toeslagenjaar daardoor aantoonbaar onder het niveau van een vergelijkbaar huishouden met een volledige bijstandsuitkering.
  • - Het huishouden is woonachtig in de gemeente en staat als ingezetene ingeschreven in de basisregistratie personen (BRP).
  • - Het huishouden is niet ingeschreven op een briefadres.
  • - Voor deze regeling wordt het vermogen buiten beschouwing gelaten.
  • - Indien het huishouden in het toeslagenjaar bestond uit fiscale partners die op het moment van aanvraag geen fiscaal partner meer zijn, kunnen zij afzonderlijk bijstand aanvragen. In dat geval wordt het toe te kennen bedrag tussen hen gelijk verdeeld.
  • - Geen bijzondere bijstand wordt verstrekt aan een huishouden of gezinsleden die voor hetzelfde toeslagenjaar al compensatie voor de alleenverdienersproblematiek hebben ontvangen via een andere gemeente of regeling.