De maatvoering van de rijbaan is afhankelijk van de verkeersintensiteit, fietsroutes, wel of niet parkeren en type weg. De gemeente Berkelland onderscheidt verschillende type wegen en hanteert daarvoor de ontwerpprincipes van de ASVV 2021 (CROW-publicatie 740).

Voor enkele basisprincipes zie onderstaande tabel.

Type weg

(Ontwerp) snelheid

Breedte

Locatie fietsers

Parkeren

Belijning / markering

Buiten de bebouwde kom

  • - Gebiedsontsluitingsweg (GOW80)

80 km/u

7,5 m

Vrij liggende fietspaden

Niet

Dubbele as- en kantmarkering

  • - Erftoegangsweg (ETW60)

60 km/u

5,0 – 6,0 m

Op de rijbaan of fiets(suggestie)stroken

Niet of op de rijbaan

Kant- of fiets(suggestie)strook markering

Binnen de bebouwde kom

  • - Gebiedsontsluitingsweg (GOW50)

50 km/u

8,0 m

Vrij liggende fietspaden

Niet

Rijbaan-scheiding 1,5 m

  • - Gebiedsontsluitingsweg (GOW50)

50 km/h

6,5 m

Vrij liggende fietspaden

Niet of langsparkeren

As-markering

  • - Gebiedsontsluitingsweg (GOW30)

30 km/h

6,2 m

Op de rijbaan

Niet of langsparkeren

Fiets(suggestiestrook)markering

  • - Erftoegangsweg (ETW50)

50 km/u

6,2 m

Op de rijbaan

Haaks- en/of langsparkeren

Geen

  • - Erftoegangsweg (ETW30)

30 km/u

5,5 m

Op de rijbaan

Haaks-parkeren

Geen

  • - Erftoegangsweg (ETW30)

30 km/h

5,0 m

Op de rijbaan

Langs-parkeren

Geen

  • - (1-richting verkeer auto, 2-richting verkeer fiets

30 km/h

3,85 m

Op de rijbaan

Langs-parkeren

Geen

  • - Fietsstraat

30 km/u

5,0 m

Op de rijbaan

Langs-parkeren

Beide zijden rammelstrook 0,5 m

In verband met het projecteren van een NUTS-strook in de openbare ruimte is het toepassen van woonerven niet wenselijk. Zie ook hoofdstuk 8.1.

De definitieve ontwerpbreedte en inrichting moet altijd in overleg met het Team Advies en Beheer Openbare Ruimte worden bepaald.

De genoemde maatvoering in de ASVV is theoretisch. Met als uitgangspunt ontwerpen op tegel- en/of steenmaat. Daar waar dit niet mogelijk dient dit in een dwarsprofiel te worden aangegeven.

Daarnaast gelden de volgende aandachts- en/of uitgangspunten:

  • - Alleen noodzakelijke, functionele verharding toepassen. Denk hierbij aan het toepassen van een trottoir aan beide zijden van de rijbaan;
  • - Maximale lengte van een doodlopende weg in overleg met de hulpdiensten;
  • - Beschikbare ruimte versus benodigde ruimte. Lichtmasten zijn een onderdeel van de openbare ruimte. Voor het bepalen van de benodigde breedte moet rekening worden gehouden met het aanbrengen van lichtmasten. Een lichtmast wordt minimaal 0,30 m uit de kant rijbaanverharding gepositioneerd.