1. Onverminderd andere verplichtingen die voortvloeien uit wet of regelgeving gelden voor
personen uit de doelgroep de volgende verplichtingen:
a. naar vermogen te trachten algemeen geaccepteerde arbeid te verkrijgen;
b. ervoor te zorgen dat hij als werkzoekende geregistreerd is bij het UWV en geregistreerd blijft, indien hem daartoe het recht toekomt op grond van artikel 30b, eerste lid, van de Wet SUWI;
c. algemeen geaccepteerde arbeid te aanvaarden;
d. na te laten hetgeen inschakeling in de arbeid belemmert;
e. gebruik te maken van een door het college aangeboden voorziening, waaronder begrepen sociale activering, gericht op arbeidsinschakeling, alsmede mee te werken aan een onderzoek naar zijn mogelijkheden tot arbeidsinschakeling;
f het meewerken aan het opstellen, uitvoeren en evalueren van een plan van aanpak als bedoeld in artikel 44a van de wet;
g. medewerking te verlenen aan begeleiding en controle van ziekteverzuim;
h. naar vermogen door het college opgedragen onbeloonde maatschappelijk nuttige werkzaamheden te verrichten.
2. Het college kan, in aanvulling op de verplichtingen die voortvloeien uit de wet en deze
verordening, aan een voorziening nadere verplichtingen verbinden. Het college neemt deze
verplichtingen op in de beschikking als bedoeld in artikel 5, vijfde lid.
3. Het college kan aan de uitkeringsgerechtigde ontheffing geven van een of meer verplichtingen genoemd in het eerste lid.
4. Bij beleidsregels stelt het college nadere regels vast omtrent het derde lid.